Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Med Trust Handelsgeselschaft m.b.h.,
Med Trust Handelsgeselschaft m.b.h.,
geintimeerde in incidenteel appel,
1. [M & S] BV,
appellante sub 1 in incidenteel appel,
2.[Medical] Medical BV,
appellante sub 2 in incidenteel appel,
3.[geintimeerde 3.],
appellante sub 3 in incidenteel appel,
advocaat: mr. E.A. van de Kuilen – Stap,
10.Het verloop van de procedure
- de ‘nadere conclusie na tussenarrest’ van Med Trust van 7 mei 2013, met acht producties en eiswijziging;
- de nadere memorie van [M & S] c.s. van 7 mei 2013, met twaalf producties, waaronder tien ordners;
- de ‘antwoordconclusie’ van Med Trust van 4 juni 2013;
- de nadere memorie van [M & S] c.s. van 4 juni 2013.
11.De verdere beoordeling
Het hof zal dan ook uitgaan van de door Med Trust gehanteerde inkoopprijzen en op basis daarvan gemaakte becijfering. Dat deze becijfering - uitgaande van laatstgenoemde inkoopprijzen - geheel of gedeeltelijk onjuist zou zijn is door RGB gesteld noch anderszins gebleken.
€ 749.267,84- het hof gaat ervan uit dat het bedrag van € 749.268,01 in het petitum van de nadere conclusie van 7 mei 2013 op een schrijffout berust - vermeerderd met wettelijke rente als hierboven aangegeven. Nu voorts RGB het openstaande bedrag van
€ 365,88betreffende factuur 20601027 als opgenomen in productie 21 bij inleidende dagvaarding zijdens Med Trust niet heeft betwist zal dit bedrag eveneens worden toegewezen. Nu het hier een nota ter zake vergeefs gemaakte verzendkosten (zie overweging 8.8.3.5. van het tussenarrest van 5 maart 2013) en derhalve ook een schadevergoeding betreft zal daarover eveneens de (gewone) wettelijke rente worden toegewezen als aangegeven. Verder zal hetgeen Med Trust meer van RGB heeft gevorderd, mede gezien hetgeen is overwogen in overweging 8.9.4 van het tussenarrest van 5 maart 2013, ter zake schadevergoeding of nog te betalen facturen (als hoofdvordering) worden afgewezen.
Hierbij is aangegeven dat het hof in ieder geval overlegging van de jaarrekeningen van RGB over de jaren 2006 tot en met 2008 verwacht, alsook overlegging van alle door RGB in die periode verstuurde facturen zowel aan [M & S] c.s. als aan derden, en overlegging van de door [Medical] Medical in dezelfde periode verstuurde facturen ter zake van bij Med Trust ingekochte producten, waarbij ten aanzien van de cijfermatige onderbouwing tevens een verklaring van de accountant zal dienen te worden overgelegd.
De voorraad bij Med Trust ingekochte producten kon slechts op naam van één vennootschap staan en dat was [Medical] Medical, die de grootste hoeveelheid producten aan derden verkocht. RGB heeft zelf voor in totaal € 40.428,53 aan producten van Med Trust verkocht. RGB heeft geprobeerd haar verkopen aan zakelijke afnemers te promoten met deelname aan beurzen en advertenties. Anders dan eerder medegedeeld was de verhouding tussen RGB en [Medical] Medical ten aanzien van de verkoop van producten van Med Trust niet ieder ongeveer de helft (zie overweging 8.11.2 van het tussenarrest) maar 10% door RGB en 90% door [Medical] Medical. Het aantal niet verkochte producten bedraagt 80,4% van de inkoop, waarbij het risico van de onverkochte producten bij [Medical] Medical ligt. RGB kocht immers alleen dan producten terug als zij ter zake een order had ontvangen van een derde, aldus [M & S] c.s..
[M & S] zal hoofdelijk worden veroordeeld tot betaling van de aan Med Trust toekomende schadevergoeding groot in totaal € 750.633,89, derhalve inclusief de buitengerechtelijke kosten, alsook vermeerderd met de wettelijke rente als ook ten laste van RGB toe te wijzen. Nu sprake is van een verzuim als bedoeld in artikel 6:83 sub b BW Pro ligt het verder in de rede de verschuldigdheid van rente te laten beginnen per respectief moment van opeisbaarheid van de respectief verschuldigde schadevergoeding wegens uitgebleven periodieke afname.
Het handelen met iemand terwijl men weet dat deze door dit handelen een door hem met een derde gesloten overeenkomst schendt, is op zichzelf immers jegens die derde niet onrechtmatig.
Voorts is weliswaar niet komen vast te staan dat [Medical] Medical juridisch gehouden was tot afname van de door RGB bij Med Trust op basis van de overeenkomst periodiek af te nemen producten, maar feitelijk werden, dit in verband met het automatiseringssysteem als door [M & S] c.s. geschetst, door RGB bij Med Trust aangeschafte producten meteen doorgeleverd aan [Medical] Medical en kwamen daarmee voor haar risico (zie hiervoor overweging 11.3.2). [Medical] Medical profiteerde aldus van de – naar inmiddels vaststaat – onterechte weigering van RGB nog producten van Med Trust af te nemen, hetgeen wanprestatie van RGB opleverde. Dit profijt bestond erin dat [Medical] Medical vanaf oktober 2008 niet langer producten in voorraad kreeg die volgens haar eigen stellingen slecht of niet verkoopbaar waren.
Over deze vergoeding zal de (gewone) wettelijke rente worden toegewezen (zie overweging 8.8.3.6 van het tussenarrest) en wel over het respectieve bedrag aan schadevergoeding als verbonden aan de niet nagekomen respectieve kwartaalafname en steeds vanaf de respectieve data van verzuim van RGB tot kwartaalafname, en wel vervolgens steeds tot de dag der voldoening. Tevens zal aan Med Trust ten laste van RGB worden toegewezen een bedrag van € 365,88 (zie overweging 11.2.3.7.) vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag van verzuim van RGB tot de dag der voldoening.
[M & S], [Medical] Medical en [geintimeerde 3.] zullen hoofdelijk worden veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van in totaal € 750.633,89 vermeerderd - voor zover het in totaal € 749.633,72 betreft - met de wettelijke rente over het respectieve bedrag aan schadevergoeding als verbonden aan de niet nagekomen respectieve kwartaalafname en steeds vanaf de respectieve data van verzuim van RGB tot kwartaalafname, en wel vervolgens steeds tot de dag der voldoening.
12.De uitspraak
€ 749.267,84, steeds te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over het respectieve bedrag aan schadevergoeding als verbonden aan de niet nagekomen respectieve kwartaalafname en steeds vanaf de respectieve data van verzuim van RGB tot kwartaalafname, en wel vervolgens steeds tot de dag der voldoening;
€ 365,88, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro daarover vanaf de dag van verzuim van RGB tot de dag der voldoening;
€ 1000,= ter zake buitengerechtelijke incassokosten ;
€ 4.713,=aan verschotten en op
€ 11.685,=aan salaris advocaat voor het hoger beroep;
€ 750.633,72, vermeerderd - voor zover het in totaal € 749.633,72 betreft - met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over het respectieve bedrag aan schadevergoeding als verbonden aan de niet nagekomen respectieve kwartaalafname en steeds vanaf de respectieve data van verzuim van RGB tot kwartaalafname, en wel vervolgens steeds tot de dag der voldoening;
€ 4.810,81
€ 13.632,50aan salaris advocaat voor het hoger beroep, en bepaalt dat deze bedragen binnen veertien dagen na de dag van deze uitspraak moeten zijn voldaan, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro vanaf het einde van voormelde termijn tot aan de dag der voldoening;
€ 3.985,=aan salaris advocaat en bepaalt dat deze bedragen binnen veertien dagen na de dag van deze uitspraak moeten zijn voldaan, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro vanaf het einde van voormelde termijn tot aan de dag der voldoening;
5.023,98aan verschotten en
€ 9.708,=aan salaris advocaat;