Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[appellante 1] V.O.F.,gevestigd te [woonplaats],
[appellante 2],wonende te [woonplaats],
[appellant 3],wonende te [woonplaats],
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak vordert Stichting Bedrijfspensioenfonds voor het Beroepsvervoer over de weg betaling van achterstallige pensioenpremies, rente en incassokosten van appellanten, een transport- en koeriersbedrijf. De rechtbank heeft reeds een bedrag toegewezen en appellanten veroordeeld tot betaling en proceskosten.
Appellanten voeren in hoger beroep aan dat het vonnis vernietigd moet worden en dat de vorderingen van de Stichting afgewezen dienen te worden. Tevens vorderen zij terugbetaling van reeds betaalde bedragen en veroordeling van de Stichting in proceskosten.
Het hof constateert dat enkele producties van de Stichting ontbreken en dat appellanten onvoldoende inzicht hebben in de cijfermatige onderbouwing van de facturen over de jaren 2009-2011. Daarom wordt de Stichting in de gelegenheid gesteld de ontbrekende stukken alsnog in te brengen en appellanten om daarop te reageren. De zaak wordt naar de rol verwezen voor verdere behandeling.
Het arrest is gewezen door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 4 maart 2014.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden en verwezen naar de rol voor nadere processtukken en reactie van partijen.