Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[Vastgoed] Vastgoed B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats],
gevestigd te [vestigingsplaats], België,
1.Daedalus Holding B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats],
gevestigd te [vestigingsplaats],
gevestigd te [vestigingsplaats],
1.Daedalus Holding B.V.,
1.[Vastgoed] Vastgoed B.V.,
1.De incidentele arresten van 10 april 2012 en 7 mei 2013
2.Het verdere verloop van de procedures
3.De gronden van het hoger beroep in beide zaken
4.De beoordeling
Het gaat in de onderhavige procedures om het volgende.
te verhogen met de goodwill.
.
De overnemer is steeds in een jaar waarin tranches van aandelen worden overgedragen over de betreffende koopsommen een rentepercentage van vier procent (4%) verschuldigd aan [appellant 3.], te rekenen vanaf 1 januari tot het moment waarop de verschuldigde gedeelten, zijnde voorschot, schuldoverneming en koopsom zijn voldaan.
(…)”
n) Op 8 juni 2011 heeft [Vastgoed] c.s. de eerder genoemde bankgarantie van € 500.000,= geïncasseerd. Ter voldoening aan genoemd kort geding vonnis heeft Daedalus c.s. verder op 22 september 2011 een bedrag van € 500.000,= en op 13 juli 2012 nog € 126.151,28 aan [Vastgoed] c.s. betaald.
primair:
primair:
primair:de somma van € 5.269.995,=;
subsidiair:- voor de 3e tranche aandelen (2005) € 791.295.50;
- voor de 4e tranche aandelen (2006) € 808.290,20;
- voor de 5e tranche aandelen (2007) € 694.026,=;
meest subsidiair:een door het hof in goede justitie te bepalen bedrag, verminderd met die betalingen die al ten titel van koopsom aan [Vastgoed] c.s. zijn betaald, te vermeerderen met de contractuele rente;
[Vastgoed] c.s. voert aan dat het hier gaat om het kunnen aantrekken van extra zelfstandig werkende UZS-specialisten van buiten de EU in geval van calamiteiten, zoals hagel, waarbij een enorme werkpiek ontstaat, waarvoor soms binnen de EU niet voldoende UZS-specialisten beschikbaar zijn. [Vastgoed] c.s. heeft (zo begrijpt het hof haar stellingen) bij de verkoop meegedeeld dat het op basis van de in de diverse landen geldende tewerkstellingsvergunningenwetgeving ten tijde van het sluiten van de overeenkomst in alle vier landen waar de GH-vennootschappen zijn gevestigd (Nederland, Frankrijk, Duitsland en België) mogelijk was om in geval van calamiteiten van buiten Europa komende zelfstandige UZS-specialisten in te huren. Garanties dat dit zo zou blijven heeft zij niet verstrekt, omdat dat afhankelijk is van eventueel wijzigende regelgeving in de verschillende landen.
Uit het (enkele) feit dat er na het sluiten van de Intentieverklaring problemen zijn ontstaan met nieuwe vergunningaanvragen, zoals door Daedalus c.s. aangevoerd, volgt dat immers niet.
“primair gericht op de bescherming van de belangen van aandeelhouders die niet met de dagelijkse leiding van de vennootschappen zijn belast”(art. 1 lid Pro 12). Partijen verschillen niet van mening over het feit dat verkopers (vertegenwoordigd door [appellant 3.]) de in deze bepaling bedoelde aandeelhouders zijn en dat het hier de bescherming van de belangen van verkopers bij de uitvoering van de Intentieverklaring betreft.
Binnen 7 dagen wordt door kopers aan verkoper een voorstel gedaan. Het voorstel van communicatie van kopers naar verkoper loopt via de adviseur (TW/MZ).
Binnen 7 dagen na ontvangst voorstel wordt aan kopers een reactie gegeven door de verkoper. Het voorstel van verkoper aan kopers loopt ook via adviseurs (TW/MZ). (…)”
“TW krijgt geen mandaat en zegt toe [appellant 3.] van het verloop van de rest van de vergadering op de hoogte te brengen.”
“gemaakte afspraken”bevatte en hebben zij voornoemd concept besproken en aangevuld. Afgesproken is dat TW [appellant 3.] op de hoogte zou brengen en
“met positief advies zal adviseren”. Het hof leidt daaruit af dat de in de besluitenlijst van 18 november 2005 opgenomen afspraken in de AVA van 12 december 2005 nog niet konden worden bekrachtigd bij afwezigheid van [appellant 3.].