Uitspraak
9.Het verdere verloop van het geding
- de akte na tussenarrest van Sotel van 19 november 2013 met twee producties;
- de antwoordakte na tussenarrest van de Rabobank van 17 december 2013.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Sotel vorderde herroeping van een arrest uit 2004 nadat zij via de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) ongecensureerde stukken had verkregen die tijdens de oorspronkelijke procedure alleen in gecensureerde vorm beschikbaar waren. De stukken zouden volgens Sotel nieuwe feiten bevatten die duidden op bedrog of het achterhouden van beslissende informatie door de Rabobank en de gemeente.
Het hof onderzocht de aangevoerde stukken, waaronder correspondentie en gespreksverslagen, en concludeerde dat deze geen nieuwe feiten of omstandigheden bevatten die aanleiding geven tot herroeping op grond van artikel 382 aanhef Pro en sub a) en c) Rv. De Rabobank betwistte de juistheid van de verklaringen over het traject van de stukken, maar het hof achtte Sotel voldoende aannemelijk dat zij pas in januari 2011 bekend werd met de feitelijke inhoud.
Uiteindelijk oordeelde het hof dat de stukken geen bewijs leveren van bedrog of het achterhouden van informatie door de Rabobank. De vordering tot herroeping werd afgewezen en Sotel werd veroordeeld in de proceskosten. Het arrest van 27 januari 2004 bleef daarmee ongewijzigd.
Uitkomst: De vordering tot herroeping van het arrest van 27 januari 2004 wordt afgewezen en Sotel wordt veroordeeld in de proceskosten.