Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. C/04/124201/KG ZA 13-150)
2.Het geding in hoger beroep
3.De gronden van het hoger beroep
4.De beoordeling
Samenwerkingsovereenkomst “Dislokatie De Velddijk” (prod. 2 inl. dgv; hierna aangeduid met: de 1996-overeenkomst).
Besluiten:3.1 een dislokatie van De Velddijk te realiseren en in stand te houden op het terrein van de Mutsaersstichting in de aldaar gevestigde Wijnbergschool;3.2 in de aldaar gevestigde dislokatie het onderwijs aan jeugdigen ouder dan 12 jaar, mits zij toe zijn aan VSO-onderwijs gelet op de ontwikkelingsleeftijd, die zijn aangewezen op behandeling door de Mutsaersstichting te laten verzorgen door groeps-/vakleerkrachten van De Velddijk.Ervan uitgaande:(…)4.2 dat de dislokatie De Velddijk in principe een toelatingsverplichting heeft voor jeugdigen die de Mutsaersstichting aanmeldt. De toelating vindt plaats in onderlinge samenspraak.(…)En komen overeen:Naam:5.1 met ingang van heden een samenwerkingsverband te vormen voor het waarborgen van het onderwijs aan jeugdigen ouder dan 12 jaar, mits zij toe zijn aan VSO-onderwijs gelet op de ontwikkelingsleeftijd, die in behandeling zijn bij de Mutsaersstichting;5.2 het samenwerkingsverband heet: “Dislokatie De Velddijk”.(…)Duur:7.1 de overeenkomst wordt aangegaan voor onbepaalde tijd;7.2 opzegging van de overeenkomst kan geschieden door elk van de participanten met inachtneming van een opzegtermijn van dertien maanden voor aanvang van een nieuw schooljaar;7.3 de opzegging dient schriftelijk met opgaaf van redenen te gebeuren door middel van aangetekend schrijven aan de andere participant’.
Samenwerkingsovereenkomst “Dislokatie De Velddijk” (prod. 3 inl. dgv; hierna aangeduid met: de 2003-overeenkomst).
Komen overeen:
Intentieverklaring Alliantie onderwijs en zorg “Op weg naar integratie van dienstverlening” (prod. 4 inl. dgv; hierna aangeduid met: de Intentieverklaring 2007).
dat zij een alliantie gaan vormen die leidt tot een aanbod voor kinderen en jongeren met psychiatrische en gedragsproblemen én hun opvoeders.Het integrale aanbod richt zich op het realiseren van een full service concept.In de alliantie krijgen de cliënten specialistische diensten aangeboden.Deze worden niet alleen in samenhang aangeboden maar zijn ook afgestemd op de diverse levensterreinen van de cliënten.(…)Dit alles overwegende besluiten de partijen dat:- er geen nieuwe samenwerkingsrelaties aangegaan worden dan eerst nadat die in de alliantie zijn besproken; (…)’.
Bespreking voorzitters RvT en CvB Mutsaersstichting – Stichting Speciaal Onderwijs NML(…)2Herijken AlliantieVoorstel 1Ambities terugbrengen naar praktisch samenwerken op medewerkersniveau, in openheid en met respect voor elkaars kwaliteiten, zorgvuldig en gericht op de beste resultaten voor het kind, waar nodig gefaciliteerd door leidinggevenden.Akkoord.Voorstel 2Praktische samenwerking nader beschrijven en naar elkaar vastleggen.Akkoord; beide CvB zullen dit uitwerken.
Indien het wenselijk [was] dat een patiënt/cliënt die in de Mutsaersstichting werd geplaatst ook gebruik maakte van de module onderwijs, dan werd dit geboden door de Velddijkschool (voor kinderen vanaf 13 jaar)”. De Mutsaersstichting bestrijdt dit op zich niet, maar voert in hoger beroep aan dat zij niet kon bepalen dat de leerling bij De Velddijk werd ingeschreven omdat dat de bevoegdheid van de ouders was. Dat neemt naar het oordeel van het hof niet weg dat er ingevolge de tussen partijen geldende overeenkomst via de Mutsaersstichting op de Dislokatie De Velddijk jarenlang een gestage stroom van leerlingen werd ingeschreven. De wijze waarop partijen over en weer jegens elkaar handelden werd ingevuld door de 1996-overeenkomst en de 2003-overeenkomst en nadere uitdrukkelijke of stilzwijgende afspraken onder meer in de Intentieverklaringen. Aan deze gestage stroom van leerlingen heeft de Mutsaersstichting in juni/juli 2013 eenzijdig en zonder overleg een einde gemaakt zonder dat de 2003-overeenkomst, of het daarop betrekking hebbende onderdeel van de overeenkomst, was beëindigd.
“Continueren huidige samenwerking en dependance VSO Velddijk op terrein Mutsaersstichting’.
Aanvankelijk is de Mutsaersstichting ook na deze bespreking haar in r.o. 4.2.2/4.2.3 omschreven verplichting ten opzichte van SSO nagekomen om daar vervolgens na enkele maanden mee te stoppen. Uit genoemd voorstel 2 en de overige tijdens de bespreking akkoord bevonden voorstellen blijkt geenszins dat partijen het voornemen hadden hun verdere samenwerking te beëindigen. In ieder geval is die samenwerking toen niet in onderling overleg beëindigd.
3.6 Het hof heeft tot uitgangspunt van de beoordeling genomen dat de door Auping opgezegde distributieovereenkomst een duurovereenkomst voor onbepaalde tijd was (rov. 11). Of, en zo ja onder welke voorwaarden, een dergelijke overeenkomst opzegbaar is, wordt bepaald door de inhoud daarvan en door de van toepassing zijnde wettelijke bepalingen. Indien, zoals hier, wet en overeenkomst niet voorzien in een regeling van de opzegging, geldt dat de overeenkomst in beginsel opzegbaar is. De eisen van redelijkheid en billijkheid kunnen in verband met de aard en inhoud van de overeenkomst en de omstandigheden van het geval meebrengen dat opzegging slechts mogelijk is indien een voldoende zwaarwegende grond voor de opzegging bestaat. Uit diezelfde eisen kan, eveneens in verband met de aard en inhoud van de overeenkomst en de omstandigheden van het geval, voortvloeien dat een bepaalde opzegtermijn in acht moet worden genomen of dat de opzegging gepaard moet gaan met het aanbod tot betaling van een (schade)vergoeding (vgl. HR 28 oktober 2011, LJN BQ9854 LJN BQ9854, NJ 2012/685)’.
zoals dat in de praktijk in de laatste jaren is geschied’ ligt naar het oordeel van het hof voor alle betrokkenen voldoende duidelijk besloten dat men op de gebruikelijke voet moest doorgaan. Het hof sluit zich bij het door de voorzieningenrechter geformuleerde dictum aan.