ECLI:NL:GHSHE:2014:992

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
8 april 2014
Publicatiedatum
8 april 2014
Zaaknummer
HD 200.134.292-01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 339 lid 5 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering tot oproeping in vrijwaring in hoger beroep na afwijzing hoofdzaak

In deze civiele zaak stond een incident tot oproeping in vrijwaring centraal, voortvloeiend uit een hoofdzaak waarin de vordering van appellant was afgewezen. De rechtbank had eerder de vordering in de vrijwaringszaak afgewezen op grond van de afwijzing in de hoofdzaak. In hoger beroep werd opnieuw een incident tot oproeping in vrijwaring opgeworpen.

Het hof oordeelde dat op grond van artikel 339 lid 5 Rv Pro, dat bepaalt dat hoger beroep tegen een vrijwaringsvordering openstaat tot het moment van conclusie van antwoord in de hoofdzaak, de vordering van Asbestsanering en Milieutechniek tot oproeping in vrijwaring niet toegewezen kon worden. Dit omdat de vordering in de hoofdzaak was afgewezen en de vrijwaringsprocedure daarmee niet los kon worden gezien.

De vordering werd afgewezen en Asbestsanering en Milieutechniek werd veroordeeld in de proceskosten van het incident. De hoofdzaak werd verwezen naar de rol voor beraad, waarbij verdere beslissingen werden aangehouden. Het arrest werd gewezen door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 8 april 2014.

Uitkomst: De vordering tot oproeping in vrijwaring wordt afgewezen en de hoofdzaak wordt verwezen naar de rol voor beraad.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht
zaaknummer HD 200.134.292/01
arrest van 8 april 2014
gewezen in het incident tot oproeping in vrijwaring
in de zaak van
[de man],
wonende te [woonplaats],
appellant in de hoofdzaak,
verweerder in het incident,
advocaat: mr. A.A. den Hollander te Middelharnis,
tegen
Asbestsanering en Milieutechniek [Asbestsanering en Milieutechniek] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
geïntimeerde in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
advocaat: mr. H.A.M.J. Loeffen te Geldrop,
op het bij exploot van dagvaarding van 8 maart 2013 ingeleide hoger beroep van het door de rechtbank 's-Hertogenbosch gewezen vonnis van 12 december 2012, zoals dat vonnis is hersteld bij vonnis van 23 januari 2013, tussen appellant – [appellant] – als eiser en geïntimeerde – [Asbestsanering en Milieutechniek] – als gedaagde.

1.Het geding in eerste aanleg (zaaknummer/rolnummer 237253 / HA ZA 11-1524)

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis, het herstelvonnis van 23 januari 2013, het vonnis in het incident van 25 januari 2012 en naar het tussenvonnis van 23 mei 2012.

2.Het geding in hoger beroep

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven, tevens houdende wijziging en vermindering van eis met producties;
- de memorie van antwoord in principaal appel tevens incidentele memorie tot oproeping in vrijwaring met producties;
- de antwoordmemorie in het incident.
Partijen hebben arrest gevraagd in het incident.

3.De beoordeling

In het incident
3.1.
De incidentele vordering strekt tot oproeping in vrijwaring van [de man], h.o.d.n. [Dakbedekkingen] Dakbedekkingen ([Dakbedekkingen]). [appellant] refereert zich wat betreft de incidentele vordering aan het oordeel van het hof.
3.2.
Uit de overgelegde processtukken blijkt dat:
- de rechtbank bij vonnis in het incident van 25 januari 2012 [Asbestsanering en Milieutechniek] heeft toegestaan om [Dakbedekkingen] in vrijwaring op te roepen;
- [Asbestsanering en Milieutechniek] [Dakbedekkingen] in vrijwaring heeft doen dagvaarden;
- de vrijwaringsprocedure bij de rechtbank is geregistreerd onder zaaknummer/ rolnummer 244347/HA ZA 12-234;
- de rechtbank bij het bestreden vonnis van 12 december 2012, hersteld bij vonnis van 23 januari 2013, in de hoofdzaak de vordering van [appellant] heeft afgewezen;
- de rechtbank bij vonnis van 12 december 2012, hersteld bij vonnis van 23 januari 2013, op grond van de afwijzing in de hoofdzaak in de vrijwaringszaak de vordering van [Asbestsanering en Milieutechniek] heeft afgewezen.
3.3.
Artikel 339 lid 5 Rv Pro bepaalt dat indien in eerste aanleg een vordering tot vrijwaring geheel of gedeeltelijk is afgewezen op grond van de afwijzing van de vordering in de hoofdzaak, het hoger beroep daartegen openstaat tot het moment dat in de hoofdzaak in hoger beroep de conclusie van antwoord wordt genomen. Gelet op de in de vrijwaringsprocedure gegeven afwijzingsgrond, is het hof van oordeel dat [Asbestsanering en Milieutechniek] op grond van de aangehaalde bepaling in hoger beroep kon komen van het vonnis in de vrijwaringszaak (hetgeen zij overigens ook heeft gedaan – de vrijwaringsprocedure is bij dit hof aanhangig onder zaaknummer HD 200.143.995/01) en dat haar vordering tot oproeping in vrijwaring van [Dakbedekkingen] om die reden niet kan worden toegewezen.
3.4.
Als de in het ongelijk gestelde partij zal [Asbestsanering en Milieutechniek] worden veroordeeld in de kosten van het incident.
In de hoofdzaak
3.5.
De zaak wordt naar de rol verwezen voor beraad. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

4.De beslissing

Het hof:
in het incident:
wijst de vordering van [Asbestsanering en Milieutechniek] af;
veroordeelt [Asbestsanering en Milieutechniek] in de proceskosten van het incident, welke kosten aan de zijde van [appellant] tot de dag van deze uitspraak worden begroot op € 894,-- aan salaris advocaat;
in de hoofdzaak:
verwijst de zaak naar de rol van dinsdag 22 april 2014 voor beraad;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. S.M.A.M. Venhuizen, C.N.M. Antens, en M.G.W.M. Stienissen en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 8 april 2014.