ECLI:NL:GHSHE:2015:1525
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ondertoezichtstelling kinderen wegens bedreigde ontwikkeling
In deze zaak staat de ondertoezichtstelling van vier minderjarige kinderen centraal, die door de rechtbank was opgelegd vanwege zorgen over hun ontwikkeling. De ouders zijn tegen deze maatregel in hoger beroep gegaan en betwisten dat er sprake is van een ernstige bedreiging van de zedelijke, geestelijke of lichamelijke belangen van de kinderen. Zij voeren aan dat de kinderen het goed doen op school en dat de zorgen van de Raad voor de Kinderbescherming en de Stichting Bureau Jeugdzorg West-Brabant West grotendeels gebaseerd zijn op aannames en één incident met de buren.
Het hof heeft de kinderen in de gelegenheid gesteld hun mening te geven en heeft de rapporten van de raad en de stichting bestudeerd. Het constateert dat de ouders geen medewerking verlenen aan de ondertoezichtstelling en dat er geen ingang is om samen met de gezinsvoogd te bespreken wat de kinderen nodig hebben. De zorgen omtrent de kinderen zijn ernstig genoeg om aan te nemen dat zij dringend behoefte hebben aan hulpverlening, zoals een KOPP-training.
De wetgeving die van toepassing is, betreft artikel 1:254 oud Pro Burgerlijk Wetboek. Het hof is van oordeel dat aan de wettelijke voorwaarden voor ondertoezichtstelling is voldaan en dat de bedreiging van de ontwikkeling van de kinderen niet op een minder ingrijpende wijze kan worden weggenomen. Ondanks de weerstand van de ouders acht het hof de voortzetting van de maatregel noodzakelijk in het belang van de kinderen. Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de rechtbank.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ondertoezichtstelling van de kinderen wegens ernstige bedreiging van hun ontwikkeling.