Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 253897 CV EXPL 13-734)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Stichting Woongoed verhuurde een woning aan appellant onder een huurovereenkomst met een onlosmakelijk verbonden begeleidingsovereenkomst met Emergis. De huurovereenkomst bevatte bijzondere bepalingen die ontbinding mogelijk maken bij niet-nakoming van het begeleidingsplan.
Stichting Woongoed vorderde ontbinding en ontruiming wegens wanprestatie, waaronder schade aan de woning, vervuiling, geluidsoverlast, ruzies en drugsgebruik, en het onttrekken aan begeleiding. De kantonrechter wees deze vorderingen toe en veroordeelde appellant in de kosten.
Appellant stelde in hoger beroep dat Stichting Woongoed niet-ontvankelijk was omdat Emergis niet was betrokken, en betwistte de tekortkomingen. Het hof verwierp deze grieven, oordeelde dat de wanprestatie en overlast voldoende waren vastgesteld aan de hand van brieven, politierapporten en wijkbeheerster-rapporten, en dat het woonbelang van appellant moest wijken.
Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis tot ontbinding van de huurovereenkomst en veroordeelt appellant tot ontruiming en betaling van proceskosten.