Partijen zijn gehuwd sinds 1982 en de rechtbank had eerder voorlopige voorzieningen vastgesteld waarbij de man een maandelijkse bijdrage aan de vrouw betaalde voor haar levensonderhoud. Na de echtscheiding en een afwijzing van het verzoek tot wijziging van deze voorzieningen door de rechtbank, heeft de vrouw hoger beroep ingesteld bij het hof.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft het hof partijen gehoord en zijn zij bereid gebleken tot een onderlinge regeling. Deze regeling voorziet in betaling van de helft van de netto ontslagvergoeding door de man aan de vrouw, een verhoging van de maandelijkse alimentatie vanaf april 2015 tot september 2015, en afspraken over pensioenverevening en afstand van partneralimentatie vanaf september 2015.
Het hof heeft deze afspraken overgenomen en de voorlopige voorzieningen gewijzigd met ingang van 1 oktober 2014. Tevens is de beschikking uitvoerbaar bij voorraad verklaard en zijn de proceskosten gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.