Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Vrebamelkvee B.V.,
[beheer 1] Beheer B.V.,
[beheer 2] Beheer B.V.,
[beheer 3] Beheer B.V.,
[aandeelhouder beheer 1],
[aandeelhouder beheer 2],
[aandeelhouder beheer 3],
[appellante 8],
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven;
- de memorie van antwoord met producties;
- het pleidooi van 15 september 2014, waarbij partijen pleitnota’s hebben overgelegd;
- de door [appellanten] bij het pleidooi genomen akte houdende productie;
- de akte na pleidooi van [appellanten] van 21 oktober 2014 met producties;
- de antwoordakte na pleidooi van [geïntimeerde] van 18 november 2014.
3.De beoordeling
“Betaling € 500.000 tegen finale kwijting waarbij onderverdeling verder wordt bepaald”.De vraag of in dit niet nader gespecificeerde bedrag naast een vergoeding voor het melkquotum ook een vergoeding is begrepen voor kapitaal, het opfokken en rente, en zo ja of [geïntimeerde] hierover eventueel belasting is verschuldigd, behoeft geen beantwoording. [appellanten] heeft in rechte immers nadrukkelijk toegezegd dat hij in dat geval die belasting voor zijn rekening zal nemen en voor een eventuele fiscale aanslag zal instaan.
4.De uitspraak
in de zaak met nummer C/04/107018/HA ZA 11-150aldus dat beide partijen de eigen kosten dragen;
in de zaak met nummer C/04/110137/HA ZA 11-472,welke kosten tot op heden aan de zijde van [appellanten] worden begroot op € 560,- aan verschotten en op € 1.356,- aan salaris advocaat;