Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Varkensbedrijf [Varkensbedrijf] v.o.f.,gevestigd te [vestigingsplaats],
[appellant 2],
wonende te [woonplaats],
[appellante 3] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
1.[geintimeerde 1 in de vrijwaring] v.o.f.,gevestigd te [vestigingsplaats],
[geintimeerde 2 in de vrijwaring],
wonende te [woonplaats],
[geintimeerde 3 in de vrijwaring] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
1. Het geding in eerste aanleg (zaaknummer / rolnummer: 238870 / HA ZA 11-1630 (hoofdzaak) en zaaknummer / rolnummer 243631 / HA ZA 12-191 (vrijwaring)
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
4.De uitspraak
- de voorshands bewezen geachte stelling dat de biggen die [geintimeerden c.s. in de vrijwaring] op 26 januari 2010 en 2 februari 2010 aan [Internationale Varkenshandel en Zn. B.V.] heeft geleverd en die [Internationale Varkenshandel en Zn. B.V.] op dezelfde dagen (26 januari 2010 en 2 februari 2010) aan [appellanten c.s.] heeft geleverd, besmet waren met Vibrio, en
- de voorshands bewezen geachte stelling dat leegstand in de stal van [appellanten c.s.] aangewezen was om van de infectie met Vibrio af te komen;