Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. C/02/283467/KG ZA 14-401)
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
- de vrouw te veroordelen binnen twee dagen na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis haar volledige medewerking te verlenen aan het voortzetten van de omgangsregeling tussen de man en [minderjarige 3] zoals vastgelegd bij beschikking van 23 december 2013 voornoemd, met het bevel tot afgifte van de minderjarige en met machtiging aan de man dit vonnis zo nodig zelf ten uitvoer te leggen met behulp van de sterke arm van politie en justitie, althans op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 250,- per dag of gedeelte van een dag dat de vrouw niet voldoet aan het vonnis, met een maximum van € 50.000,-;
- de vrouw te verbieden om met de minderjarige kinderen, althans met de minderjarige [minderjarige 3], naar Suriname c.q. het buitenland te verhuizen, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 250,- per dag of dagdeel dat de vrouw met de minderjarige kinderen, althans met de minderjarige [minderjarige 3], in Suriname, dan wel een ander buitenland verblijft, met een maximum van € 50.000,-;
- de vrouw te veroordelen in de proceskosten van het geding.
- bevolen dat de vrouw de bij beschikking van de rechtbank van 23 december 2013 voorlopig vastgestelde omgangsregeling nakomt, waarbij de man gerechtigd is tot omgang met de minderjarige [minderjarige 3], éénmaal per veertien dagen op zondagmiddag van 13.00 uur tot 17.00 uur, waarbij de man [minderjarige 3] bij de vrouw zal ophalen en bij haar daar zal terugbrengen, waarbij de omgang dient plaats te vinden in [plaats] of directer omgeving;
- partijen verwezen naar Juzt voor intensieve oudergesprekken;
- partijen bevolen gevolg te geven aan de oproep van Juzt en hen bevolen mee te werken aan de uitvoering van de regeling;
- de kosten van het geding gecompenseerd, aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt;
- het meer of anders gevorderde geweigerd.
- tot vernietiging van het vonnis waarvan beroep en zijn vorderingen, om de vrouw te veroordelen binnen 2 dagen na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis haar volledige en feitelijke medewerking te verlenen aan het voortzetten van de omgangsregeling tussen de man en [minderjarige 3] zoals vastgelegd bij voornoemde beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 23 december 2014, gedurende één weekend in de veertien dagen van zondag 13.00 uur tot zondag 17.00 uur, met het bevel tot afgifte van het minderjarige kind en met machtiging aan de man dit vonnis zo nodig zelf ten uitvoer te leggen met behulp van de sterke arm van politie en justitie, althans op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 250,- per dag of gedeelte van een dag dat zij niet voldoet aan het vonnis, althans tot een door het hof in goede justitie te bepalen dwangsom, met een maximum van € 50.000,-, althans een door het hof in goede justitie te bepalen maximum, alsnog toe te wijzen;
- tot veroordeling van de vrouw in de kosten van beide instanties aan de zijde van de man, waaronder begrepen het salaris van de advocaat.