Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 690813 CV EXPL 11-9870)
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
Dat kan….enkel verklaard worden vanuit de aanwezigheid van een door de dreiging ontstane continue aanwezige angst.”)is kennelijk niet bedoeld vast te stellen dat deze continue angst aanwezig is, maar juist dat dat bewezen zou moeten worden.
continuaanwezig zijn van de dreiging en de daardoor bij [appellante] opgeroepen angst, gelet op de periode dat de hennepkwekerij aanwezig is geweest (ongeveer zeven maanden), het feit dat zij vrij was om te gaan en staan waar zij wilde en de mannen niet voortdurend op haar terrein aanwezig waren, de omstandigheid dat zij haar bezoek rationeel plande met het oog op de aan- en afwezigheid van de mannen, en tenslotte de omstandigheid dat niet is gebleken dat het strafrechtelijk onderzoek naar aanleiding van de aangifte van [appellante] met grote voortvarendheid ter hand is genomen. De kantonrechter heeft daardoor op goede gronden kunnen oordelen dat hij er voorshands van uit ging dat een dergelijke continue dreiging en continue angst bij [appellante] niet aanwezig zijn geweest, en heeft terecht aan [appellante] de gelegenheid geboden tegenbewijs te leveren.