Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- mr. Van Elk De Freese;
- de man, bijgestaan door mr. Van Megen.
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling in eerste aanleg op 9 april 2014;
- het V6-formulier met bijlagen van de advocaat van de vrouw d.d. 28 oktober 2014;
- het V8-formulier met bijlagen van de advocaat van de man d.d. 8 april 2015;
- het V6-formulier met bijlagen van de advocaat van de vrouw d.d. 9 april 2015:
- het V6-formulier met bijlagen van de advocaat van de vrouw d.d. 15 april 2015.
3.De beoordeling
- de getroffen onderlinge regelingen, zoals vermeld in het bij het verzoekschrift overgelegde ouderschapsplan, opgenomen in die beschikking onder verwijzing naar de aangehechte kopie van voormeld ouderschapsplan;
- de getroffen onderlinge regelingen, zoals vermeld in het bij het verzoekschrift overgelegde convenant, opgenomen in die beschikking onder verwijzing naar de aangehechte kopie van voormeld convenant;
- de man veroordeeld om vanaf de dag waarop de echtscheidingsbeschikking zal zijn ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand, aan de vrouw voor haar levensonderhoud te betalen een bedrag van € 787,- bruto per maand, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
- bepaald dat de man als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen moet voldoen een bedrag van € 136,- per kind per maand, op een door partijen aangewezen gezamenlijke rekening, met ingang van de dag waarop de echtscheidingsbeschikking zal zijn ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.
- [zoon 1] € 140,11 per maand per 1 januari 2013;
- de vrouw € 810,78 per maand per 1 januari 2013.
- de man niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot wijziging van de bijdrage in de kosten van levensonderhoud en studie betreffende [zoon 1];
- voormelde beschikking d.d. 25 februari 2011, alsmede het daaraan gehechte ouderschapsplan en convenant gewijzigd, voor wat betreft de daarbij vastgestelde bijdrage van de man in de kosten van levensonderhoud van de vrouw en de bijdrage van de man in de kosten van verzorging en opvoeding c.q. bijdrage in de kosten van levensonderhoud en studie van [zoon 3] en [zoon 2], aldus dat:
- de wijziging van omstandigheden c.q. de ontvankelijkheid van de man in zijn inleidend verzoek (grief 1);
- de ingangsdatum (grief 2);
- de behoefte c.q. de behoeftigheid van de vrouw (grief 3 en 5);
- de draagkracht van de man en (in dat kader) de zorgkorting (grief 4 en 6).
- in juli 2014 bruto € 1.735,14 (salaris);
- in augustus 2014 bruto € 1.520,53 (salaris);
- in september tot en met november 2014 bruto € 1.263,06 (ziekengeld),
- € 41,23 in juli 2014;
- € 30,78 in augustus 2014;
- € 18,24 in september tot en met december 2014,
- € 704,- aan hypotheekrente;
- € 195,50 aan aflossing;
- € 47,50 aan (forfaitaire) overige eigenaarslasten,