Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze zaak staat de omgangsregeling tussen een vader en zijn jonge dochter centraal. De vader is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank die onder meer bepaalde dat de omgang onder begeleiding van de moeder moest plaatsvinden en dat de omgangscontacten beperkt waren in frequentie en duur.
De vader betoogt dat de omgang zonder aanwezigheid van de moeder moet plaatsvinden, dat een dwangsom moet worden opgelegd bij niet-nakoming, dat de omgang frequenter moet zijn in de opbouwfase en dat de vakanties ruimer moeten worden ingevuld. De moeder stelt dat zij vertrouwen moet krijgen in de vaderrol van de vader, dat de omgang onder begeleiding noodzakelijk is vanwege eerdere incidenten en dat langere omgangsperioden nog niet wenselijk zijn.
Het hof constateert dat het contact sinds juli 2014 is gestagneerd en dat de aan- of afwezigheid van de ouders van de vader een belangrijke rol speelt. Het hof besluit tot een begeleide omgangsregeling via Stichting Omgangshuis, waarbij de vader wordt begeleid in zijn vaderrol en de moeder vertrouwen kan krijgen in de omgang. Partijen zullen schriftelijk rapporteren over het verloop, en verdere beslissingen worden aangehouden tot oktober 2015.
Uitkomst: Het hof bepaalt een begeleide omgangsregeling via Stichting Omgangshuis en houdt verdere beslissingen aan tot oktober 2015.