Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de man, bijgestaan door mr. Samama;
- de vrouw, bijgestaan door mr. De Hondt-Buijs.
3.De beoordeling
.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Partijen zijn gehuwd geweest en hebben een minderjarige uit hun huwelijk. Na echtscheiding is door de rechtbank een onderhoudsbijdrage vastgesteld die de man moet betalen voor de verzorging en opvoeding van het kind. De man verzocht vervolgens om wijziging van deze bijdrage naar nihil vanaf 1 januari 2013, stellende dat zijn financiële situatie drastisch was gewijzigd door het ontvangen van een WW-uitkering.
De rechtbank wees dit verzoek af, maar het hof oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het wetsartikel 1:401 lid 4 BW niet had betrokken bij haar beoordeling. Het hof stelde vast dat de rechtbank was uitgegaan van onjuiste en onvolledige inkomens- en vermogensgegevens van de man.
Het hof stelde de wijziging van de onderhoudsbijdrage vast met ingang van 1 april 2013 op € 25,- per maand en vanaf 1 januari 2014 op nihil, rekening houdend met het lage netto besteedbare inkomen van de man en het ontbreken van vermogen. Tevens vernietigde het hof de proceskostenveroordeling en compenseerde de kosten tussen partijen.
Uitkomst: De kinderalimentatie wordt gewijzigd naar nihil vanaf 1 januari 2014 vanwege het ontbreken van draagkracht van de man.