Belanghebbende had een verklaring geen privégebruik auto ontvangen, waarbij hij moest aantonen dat hij de auto niet meer dan 500 kilometer per jaar privé gebruikte. Na controle stelde de Inspecteur vast dat de rittenregistratie onvolledig en onjuist was, mede door signaleringen van de auto op dagen waarop volgens de registratie niet was gereden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde de naheffingsaanslag en verzuimboete. Het hof onderschrijft dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd, omdat belanghebbende onvoldoende overtuigend heeft aangetoond dat het privégebruik binnen de grens bleef.
Ten aanzien van de verzuimboete oordeelt het hof echter dat sprake is van marginaal verzuim, mede door erkende slordigheden in de rittenadministratie, en vermindert de boete tot 10% van het oorspronkelijke bedrag. Daarnaast veroordeelt het hof de Inspecteur tot vergoeding van het griffierecht en een proceskostenvergoeding aan belanghebbende.