Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. C/02/259972/HA ZA 13-124)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven, tevens vermeerdering van eis, van 11 november 2014 met twee producties;
- de memorie van antwoord van 20 januari 2015.
- het pleidooi van 23 juli 2015, waarbij de bovengenoemde advocaten voor partijen hebben gepleit en mr. Kerkhof pleitnotities heeft overgelegd.
3.De beoordeling
waarbij haar decharge wordt verleend voor het gevoerde beleid, behoudens indien en voor zover uit de (vast te stellen) jaarrekening 2011 en/of 2012 van de Vennootschap zal blijken dat Beheermij [Beheermaatschappij] opzettelijk de Vennootschap heeft benadeeld (bijvoorbeeld onrechtmatige onttrekkingen) of anderszins onrechtmatig heeft gehandeld”;
“Behoudens het vorenstaande en na effectuering van het vorenstaande verlenen partijen elkaar over en weer algehele finale kwijting.”
“Het blijft moeilijk om een dergelijke begroting te beoordelen. Begroting lijkt niet onrealistisch. Ik zie wel dat er in de balans nog een vordering op jouw holding staat van ca € 40.000,--. Die zal mettertijd nog een keer afgelost moeten worden of [Beheer]( [Beheer] , hof)
moet je die ook kwijtschelden…”
In de balans is opgenomen een vordering van € 41.110,-- op mijn beheermaatschappij??”
kennis [heeft] genomen van de inhoud van deze vaststellingsovereenkomst”en is hij “
voor zover nodig akkoord [is] gegaan met deze overeenkomst”, en heeft destijds geen van de betrokkenen bezwaar gemaakt tegen het opschrift en de kwalificatie van de overeenkomst als vaststellingsovereenkomst. Naar het oordeel van het hof is aldus voldoende komen vast te staan dat partijen met deze overeenkomst beoogden onderlinge geschillen te beëindigen en in elk geval geschillen of onzekerheid omtrent hetgeen tussen hen rechtens zou gelden, te voorkomen. De grief wordt verworpen.
curieus” dat [Beheermaatschappij] de bonus heeft laten uitbetalen in de vorm van verrekening van zijn rekening courant schuld aan [Bouwbedrijf] .
1.Bij ontstentenis of belet van één of meer directeuren, zijn de overige directeuren, respectievelijk is de overige directeur, tijdelijk met het bestuur belast. Bij ontstentenis of belet van alle directeuren, respectievelijk van de enige directeur, is de persoon die daartoe door de algemene vergadering van aandeelhouders wordt aangewezen, tijdelijk met het gehele bestuur belast.
Alskomt vast te staan dat [Beheermaatschappij] de bonus over 2011 onbevoegd, namelijk zonder instemming of toestemming van de andere aandeelhouder [Beheer] , aan zich heeft laten uitbetalen, is daarmee naar het oordeel van het hof in beginsel sprake van een onrechtmatige onttrekking als bedoeld in art. 2 van Pro de vaststellingsovereenkomst, en zou aan [Beheermaatschappij] in zoverre geen beroep toekomen op het feit dat zij gedechargeerd is voor het gevoerde beleid. Het verweer van [Beheermaatschappij] dat het bij de uitzondering op de decharge slechts erom gaat of [Beheermaatschappij] ‘met zijn handen in de kas’ heeft gezeten, wordt dus verworpen. Het verweer dat de uitzondering op de decharge zich niet uitstrekte over de bonusuitkering, is slechts in zoverre juist dat het daarbij moet gaan om een rechtsgeldig besluit tot verlening van de bonus. Zo niet, dan levert dat een benadeling of onrechtmatig handelen op in de zin van artikel 2 van Pro de overeenkomst.
alhun verplichtingen jegens elkaar hebben voldaan, (te meer) nu het om een vaststellingsovereenkomst gaat.
partijenaan de bepaling mochten toekennen. Vast staat tenslotte dat partijen, die elkaar “niet konden luchten of zien” (niet bestreden verklaring namens [Beheermaatschappij] ter comparitie), definitief van elkaar af wilden.
als[Bouwbedrijf] in haar bewijs slaagt, maar dat de bonus (en het rekening courant saldo) niet teruggevorderd kunnen worden op de grond dat deze niet onder de finale kwijting zouden vallen.