Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
,hoewel behoorlijk opgeroepen, niet ter zitting verschenen.
3.De beoordeling
De vrouw en de man zijn gezamenlijk met het gezag over [kind] belast.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De vrouw en de man zijn gezamenlijk gezagdragers over hun minderjarige kind, geboren in 2009. Na het vertrek van de man uit de echtelijke woning verblijft het kind bij de vrouw. De vrouw verzocht de rechtbank om toestemming om met het kind naar Hongarije te verhuizen, hetgeen werd afgewezen. In hoger beroep handhaafde het hof deze beslissing.
De vrouw stelde dat haar en het belang van het kind parallel lopen en dat het kind zowel in de Nederlandse als Hongaarse cultuur is opgegroeid. Zij voerde aan dat het kind baat heeft bij een leven in Hongarije en dat haar psychische gesteldheid lijdt onder het verbod tot verhuizing. De man betoogde dat het belang van het kind prevaleert bij het behouden van een stabiel sociaal leven en contact met hem in Nederland.
Het hof oordeelde dat de vrouw onvoldoende objectieve noodzaak had aangetoond voor de verhuizing en dat het belang van het kind en de man bij het behouden van contact en continuïteit in Nederland zwaarder wegen. De beschikking van de rechtbank werd bekrachtigd, met de verwachting dat de man redelijke medewerking zal verlenen aan vakanties en weekenden in Hongarije.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de moeder af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank waardoor zij niet met het kind naar Hongarije mag verhuizen.