Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[appellant 1] ,
[appellante 2] ,
1.Coöperatieve Rabobank Hart van Brabant UA,
Rabohypotheekbank N.V.,
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. C/02/288709/ HA ZA 14-740)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord met producties;
- de akte van [appellanten c.s.] met productie;
- de antwoordakte van Rabobank.
3.De beoordeling
“De tweede alinea op pagina 2/5 komt helemaal te vervallen en dient te worden vervangen door: “Wij gaan ervan uit dat, indien zich tegenvallers openbaren in de verhuur, u zelf de nodige stappen zult nemen om te komen tot een voor u en de bank aanvaarde situatie.””Hieruit blijkt, aldus Rabobank, dat zij met [appellanten c.s.] expliciet heeft gesproken over de risico’s indien de huurstromen zouden tegenvallen. Daarnaast heeft ook de notaris, naar het hof begrijpt bij passeren van de hypotheekaktes in 2000 en 2001, bij [appellanten c.s.] geverifieerd of zij zich bewust waren van de risico’s die verbonden zijn aan het verstrekken van zekerheid. Volgens Rabobank is zij, nu [appellanten c.s.] in verzuim zijn, gerechtigd de door haar bedongen zekerheden (onder meer de woning aan [adres 1] en de [kantooradres] te [plaats] ) die blijkens de hypotheekaktes strekken tot zekerheid voor de betaling van al hetgeen de bank van [appellanten c.s.] te vorderen heeft, uit te winnen.
Op vordering van Rabobank wordt deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad verklaard.