Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. C/01/254181/ HA ZA 12-905)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven;
- de memorie van antwoord;
3.De beoordeling
Het klopt dat er een gesprek is geweest toen mijn ex-partner de pensioengerechtigde leeftijd had bereikt. Bij dit gesprek was niemand aanwezig. Ik weet niet welke afspraken er zijn gemaakt. Ik weet ook niet waarom mijn ex-partner mij 142 gulden per maand ging betalen. Ik heb hier nooit om gevraagd. U vraagt mijn huidige echtgenoot de heer [X.] hoe het volgens hem gelopen is. Ik hoor hem verklaren dat mijn ex- partner mij nooit alimentatie heeft betaald en dat is afgesproken dat hij mij elke maand een bepaald bedrag zou betalen als pensioen tot het moment dat een van ons tweeën zou komen te overlijden. Niet dat hij mij 1/3 van het pensioen in termijnen zou betalen. Mijn ex-partner had een brief opgesteld maar die hebben wij nooit ondertekend. Het klopt wat mijn huidige echtgenoot verklaart. Zo is het gegaan.”
)staat dat de afkoopsom kan worden vervangen door een gelijkwaardig stuk ouderdomspensioen dat moet worden betaald tot het moment dat een van ons beiden komt te overlijden. U vraagt mij welke keuze mijn ex-partner en ik hebben gemaakt: betaling van de afkoopsom, betaling van het maandelijks bedrag of betaling van de afkoopsom in termijnen. Ik antwoord u daarop dat wij niets hebben afgesproken. Ik heb het maandelijks bedrag betaald en zal dat tot in het oneindige moeten doen. (…)
is boos naar huis, omdat ik net verklaard heb dat is afgesproken dat ik het maandelijkse bedrag zou betalen, totdat een van ons zou komen te overlijden. Dit klopt niet volgens haar. Ik heb dit ook niet zo gezegd, toch? U vraagt mij wat er dan is afgesproken. Ik moet u zeggen dat ik mij dat eigenlijk niet meer kan herinneren. Het is al lang gelden en bovendien heb ik ernstige gezondheidsproblemen.(…)