Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte],
A. Ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde:
B. Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde:
Doodslag.
Vordering van [moeder slachtoffer]:
- reiskosten en parkeerkosten in verband met de begrafenis van het slachtoffer in Marokko en bezoeken aan een psycholoog, de advocaat en familie: € 197,20;
- kosten van de lijkwassing en koffietafel in Nederland: € 688,12;
- leges ter verkrijging van een akte ten behoeve van het consulaat: € 40,-;
- eigen bijdrage in verband met bezoek aan een psycholoog: € 350,-;
- begrafeniskosten in Marokko: € 9.662,89 (118.200 Dirham);
- reis met [zoon slachtoffer] om het graf van het slachtoffer in Marokko te bezoeken: geen bedrag ingevuld;
- kosten van een Imam: € 100,-;
- immateriële schade (shockschade): € 1.000,-.
Vordering van [vader slachtoffer]:
Vordering van [broer slachtoffer]:
- reiskosten in verband met bezoeken aan een psycholoog, de advocaat en familie, de lijkwassing en de luchthaven voor de begrafenis van het slachtoffer in Marokko: € 131,13;
- kosten vliegtickets in verband met de begrafenis van het slachtoffer in Marokko: € 275,12;
- eigen bijdrage in verband met bezoek aan een psycholoog: € 20,-;
- kosten medicatie: € 13,75;
- telefoonkosten: € 41,80;
- immateriële schade (shockschade): € 2.500,-.
Vordering van [zus slachtoffer]:
- kosten vliegtickets in verband met de begrafenis van het slachtoffer in Marokko ten behoeve van benadeelde partij zelf, [betrokkene 1] en [betrokkene 5]: € 877,62;
- kosten vliegtickets in verband met de begrafenis van het slachtoffer in Marokko ten behoeve van [betrokkene 3] en [betrokkene 2]: € 777,08.
Vordering van [betrokkene 1]:
- telefoonkosten: € 120,-;
- reiskosten naar kennissen in verband met angst om in de woning te verblijven alwaar het feit heeft plaatsgevonden: € 144,90;
- renovatiekosten woning en inrichting woning: € 13.274,22;
- kosten vertrapte gebitsprothese: € 176,69;
- immateriële schade (shockschade): € 10.000,-.
Vordering van [betrokkene 2]:
- hotelkosten in verband met angst om in de woning te verblijven alwaar het incident heeft plaatsgevonden: € 721,69;
- telefoonkosten (schatting): € 200,-;
- reis- en verblijfkosten in Marokko in verband met begrafenis van het slachtoffer: € 1.605,-;
- immateriële schade (shockschade): € 10.000,-.
Vordering van [betrokkene 4]:
Vordering van [betrokkene 3]:
- hotelkosten in verband met angst om in de woning te verblijven alwaar het incident heeft plaatsgevonden: € 169,85;
- reiskosten in verband met bezoeken aan Novadic-Kentron: € 96,-;
- immateriële schade (shockschade): € 8.000,-.
BESLISSING
niet bewezendat de verdachte het
onder 1 impliciet primair (moord) en 2 primair en subsidiair ten laste gelegdeheeft begaan en spreekt hem daarvan vrij.
bewezendat de verdachte het
onder 1 impliciet subsidiair (doodslag) ten laste gelegdeheeft begaan.
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) jaren.
Vordering van de benadeelde partij [moeder slachtoffer]
€ 10.350,33 (tienduizend driehonderdvijftig euro en drieëndertig cent)ter zake van materiële schade en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 16,40 (zestien euro en veertig cent)af.
overige niet-ontvankelijken bepaalt dat zij in zoverre haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op
€ 77,00 (zevenenzeventig euro).
verplichtingop om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [moeder slachtoffer], ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde een bedrag te betalen van
€ 10.350,33 (tienduizend driehonderdvijftig euro en drieëndertig cent)als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
86 (zesentachtig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [vader slachtoffer]
niet-ontvankelijken bepaalt dat hij zijn vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
Vordering van de benadeelde partij [broer slachtoffer]
€ 341,84 (driehonderdeenenveertig euro en vierentachtig cent)ter zake van materiële schade en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
overige niet-ontvankelijken bepaalt dat hij in zoverre zijn vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op
€ 289,49 (tweehonderdnegenentachtig euro en negenenveertig cent).
verplichtingop om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [broer slachtoffer], ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde een bedrag te betalen van
€ 341,84 (driehonderdeenenveertig euro en vierentachtig cent)als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
6 (zes) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [zus slachtoffer]
€ 1.654,70 (duizend zeshonderdvierenvijftig euro en zeventig cent)ter zake van materiële schade en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
wettelijke rente,
kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op
€ 295,41 (tweehonderdvijfennegentig euro en eenenveertig cent).
verplichtingop om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [zus slachtoffer], ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde een bedrag te betalen van
€ 1.654,70 (duizend zeshonderdvierenvijftig euro en zeventig cent)als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
26 (zesentwintig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
wettelijke rente,
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 1]
€ 3.580,00 (drieduizend vijfhonderdtachtig euro)ter zake van materiële schade en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
overige niet-ontvankelijken bepaalt dat zij in zoverre haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op
nihil.
verplichtingop om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [betrokkene 1], ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde een bedrag te betalen van
€ 3.580,00 (drieduizend vijfhonderdtachtig euro)als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
45 (vijfenveertig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 2]
niet-ontvankelijken bepaalt dat zij haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 4]
niet-ontvankelijken bepaalt dat hij zijn vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 3]
niet-ontvankelijken bepaalt dat hij zijn vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.