Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de moeder, bijgestaan door mr. Ligtelijn-Huisman;
- de vader, bijgestaan door mr. Dronkers;
- de raad, vertegenwoordigd door mevrouw [vertegenwoordiger van de raad] .
- de processen-verbaal van de mondelinge behandelingen in eerste aanleg op 8 mei 2015 en 25 juni 2015;
- de brief van de raad d.d. 5 oktober 2015;
- het V-formulier met bijlagen van de advocaat van de moeder d.d. 7 maart 2016;
- het V-formulier met brief met bijlage van de advocaat van de vader d.d. 8 maart 2016;
- de ter zitting door de advocaat van de moeder overgelegde pleitaantekeningen;
- het verkort proces-verbaal van de mondelinge behandeling bij het hof op 22 maart 2016.
- het faxbericht van de advocaat van de vader d.d. 12 mei 2016;
- het V-formulier met brief met bijlage van de advocaat van de moeder d.d. 12 mei 2016;
- het V-formulier met brief van de advocaat van de moeder d.d. 30 mei 2016;
- het faxbericht van de advocaat van de vader d.d. 30 mei 2016.
3.De beoordeling
- (primair) de moeder in haar verzoek niet-ontvankelijk te verklaren, althans dit verzoek af te wijzen;
- (subsidiair) in geval verhuizing – te bepalen dat de verhuizing van de moeder wordt beperkt tot maximaal dertig reisminuten per auto, gerekend vanaf de huidige woonplaats van [minderjarige] .
- een keer in de veertien dagen van donderdag na schooltijd tot vrijdagavond 19.00 uur;
- een keer in de veertien dagen van donderdag na schooltijd tot zondagavond 18.30 uur;
- en op studiedagen van school als [minderjarige] vrij heeft.
- in de zomervakantie drie weken bij de vader en drie weken bij de moeder verblijft;
- in de meivakantie een week bij de moeder en een week bij de vader verblijft;
- in de carnavals- en herfstvakantie aansluitend of voorafgaand aan het weekend bij de vader tweeëneenhalve dag extra bij de vader verblijft, waarbij in die week de regeling dat [minderjarige] van donderdag op vrijdag bij de vader verblijft komt te vervallen;
- kerstavond en eerste kerstdag bij ouder 1 verblijft, tweede kerstdag tot nieuwjaarsochtend bij ouder 2 en de overige dagen bij ouder 1, waarbij ouder 1 de moeder of vader kan zijn en ouder 2 de andere ouder is.
- of de betrekkingen tussen de ouders zijn verbeterd;
- of er nog andere aspecten zijn die Rubicon van belang acht het hof ter kennis te brengen in deze kwestie.