Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- primair een verdeling van de zorg- en opvoedingstaken vast te leggen inhoudende dat [minderjarige] eens per veertien dagen van vrijdag uit school tot zondag 17.00 uur bij de vader verblijft, waarbij de vader haar ophaalt in [plaats 1] en de moeder [minderjarige] bij de vader ophaalt op zondagavond, althans een zodanige zorgregeling vast te leggen als het hof juist acht;
- subsidiair de raad te verzoeken een onderzoek in te stellen en een advies te geven over een geschikte zorg- en contactregeling en vervolgens op grond van dat advies een geschikte zorg- en contactregeling vast te stellen, welke in het belang van [minderjarige] wordt geacht, rekening houdend met de leeftijd van [minderjarige] , alsmede met de reisafstand [plaats 1] - [plaats 2] .
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling in eerste aanleg d.d. 15 oktober 2015;
- het V-formulier d.d. 7 juli 2016 van de advocaat van de vrouw met als bijlagen (1) een brief d.d. 15 juni 2016, ondertekend door zowel de advocaat van de vrouw als de advocaat van de man, waaruit blijkt dat partijen algehele overeenstemming hebben bereikt en (2) een door zowel de vader als moeder ondertekend ouderschapsplan tevens vaststellingsovereenkomst.