Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[appellant] ,wonende te [woonplaats] ,
[appellante] ,wonende te [woonplaats] ,
1.[geïntimeerde 1] ,wonende te [woonplaats] ,
[geïntimeerde 2] ,wonende te [woonplaats] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/211533/KG ZA 15-497)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep met grieven en producties;
- de memorie van antwoord met producties;
- de brief van de advocaat van [geïntimeerde 1] van 3 december 2015;
- de brief met bijlagen van 7 december 2015 van de advocaat van [appellant] ;
- de bij brief van 29 maart 2016 toegezonden producties 24 tot en met 29, die door de advocaat van [appellant] bij het pleidooi bij akte in het geding zijn gebracht;
- de brief van 31 maart 2016 van de advocaat van [appellant] ;
- de brief van 31 maart 2016 met één productie, die door de advocaat van [geïntimeerde 1] bij het pleidooi in het geding is gebracht;
- het pleidooi, waarbij partijen pleitnotities hebben overgelegd;
- de brief van 13 mei 2016 van de advocaat van [appellant] ;
- het H-16 formulier van 13 mei 2016 van de advocaat van [geïntimeerde 1] ;
- het H-16 formulier van 17 mei 2016 van de advocaat van [appellant] .