Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
voorlopigeverdeling van de zorg- en opvoedingstaken ten aanzien van [minderjarige 1] zo zal zijn dat [minderjarige 1] bij de vader verblijft:
- eenmaal per veertien dagen gedurende een weekend van vrijdag na school tot zondagavond 19.00 uur;
- op een doordeweekse dag, in overleg met de gezinsvoogd nader te bepalen;
- gedurende de helft van de vakanties en de feestdagen;
althans een zorgregeling vast te stellen die het hof juist acht;
voorlopigeverdeling van de zorg- en opvoedingstaken ten aanzien van [minderjarige 2] zo zal zijn dat:
- het contact tussen de vader en [minderjarige 2] de eerste drie maanden plaatsvindt onder begeleiding van de Mutsaersstichting (BOR-regeling), waarbij de invulling van de BOR wordt overgelaten aan de Mutsaersstichting;
- [minderjarige 2] na drie maanden bij de vader verblijft:
althans een zorgregeling vast te stellen die het hof juist acht;
- eenmaal per veertien dagen gedurende een weekend van vrijdag na school tot zondagavond 19.00 uur;
- op een doordeweekse dag, in overleg met de gezinsvoogd nader te bepalen;
- gedurende de helft van de vakanties en de feestdagen;
althans een zorgregeling vast te stellen die het hof juist acht;
- het contact tussen de vader en [minderjarige 2] de eerste drie maanden plaatsvindt onder begeleiding van de Mutsaersstichting (BOR-regeling), waarbij de invulling van de BOR wordt overgelaten aan de Mutsaersstichting;
- [minderjarige 2] na drie maanden bij de vader verblijft:
althans een zorgregeling vast te stellen die het hof juist acht; kosten rechtens.
3.De beoordeling
- (primair) het hoofdverblijf van de kinderen bij hem te bepalen;
- (subsidiair) een zorgregeling vast te stellen, waarbij de kinderen de ene week van vrijdag na school tot en met vrijdag na school bij hem verblijven en vervolgens de week erna van vrijdag na school tot en met vrijdag na school bij de moeder;
- (meer subsidiair) indien wordt overgegaan tot wijziging van het ouderlijk gezag, hem met het eenhoofdig gezag over de kinderen te belasten.
- [minderjarige 1] eenmaal per veertien dagen gedurende een weekend bij de vader verblijft, alsmede op een doordeweekse dag, in overleg met de gezinsvoogd nader te bepalen;
- het contact tussen [minderjarige 2] en de vader zal plaatsvinden onder begeleiding van de Mutsaersstichting (BOR-regeling), waarbij de invulling van de BOR wordt overgelaten aan de Mutsaersstichting.