Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 23 december 2014;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord met producties.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze zaak staat een geschil centraal tussen appellante en geïntimeerde over de uitvoering van renovatiewerkzaamheden aan een badkamer en toilet. Partijen sloten een aannemingsovereenkomst waarbij geïntimeerde de werkzaamheden uitvoerde, maar appellante was ontevreden over de kwaliteit en het meerwerk. Na een bindend advies van de Geschillencommissie, waarin herstelwerkzaamheden werden opgelegd en een betalingsverplichting werd vastgesteld, weigerde appellante te betalen en het advies na te komen.
Geïntimeerde vorderde daarop betaling bij de kantonrechter, die de vordering tot betaling toewijst en appellante veroordeelt in de proceskosten. Appellante kwam in hoger beroep en voerde aan dat het bindend advies onjuist en onaanvaardbaar was, onder meer omdat herstel volgens haar niet mogelijk was en er niet volgens bouwvoorschriften was gewerkt.
Het hof oordeelt dat partijen gebonden zijn aan het bindend advies, tenzij dit in redelijkheid niet kan worden aanvaard. Het hof hecht meer waarde aan het onafhankelijke deskundigenrapport van de Geschillencommissie dan aan de tegenrapportage van appellante. De klachten over bouwvoorschriften en prijsverhouding zijn onvoldoende onderbouwd. Nieuwe klachten die niet bij de Geschillencommissie aan de orde waren, kunnen het bindend advies niet aantasten.
Hoewel het bindend advies op twee punten een omissie bevat, leidt dit niet tot onaanvaardbaarheid. Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt appellante in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt appellante tot betaling en in de proceskosten.