ECLI:NL:GHSHE:2016:972
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P.J.M. Bongaarts
- A.P. Zweers-van Vollenhoven
- P.P.M. van Reijsen
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming kernverplichtingen
Appellante was onderworpen aan een schuldsaneringsregeling die op 9 april 2014 werd uitgesproken. De rechtbank beëindigde deze regeling tussentijds op verzoek van de bewindvoerder omdat appellante haar verplichtingen niet naar behoren nakwam, waaronder het niet solliciteren gedurende een jaar, het ontstaan van een nieuwe schuld bij een zorgverzekeraar en het niet voldoen aan de informatieplicht.
Appellante ging in hoger beroep en voerde aan dat zij wel degelijk viermaal per maand solliciteerde conform de bijstandswet en dat zij onduidelijkheid ervoer over de wijze van solliciteren binnen de schuldsaneringsregeling. Ook stelde zij dat de communicatie met de bewindvoerder niet altijd wenselijk verliep en dat de nieuwe schuld aan de zorgverzekeraar werd afbetaald via een betalingsregeling.
Het hof oordeelde dat appellante redelijkerwijs had moeten weten wat van haar werd verwacht en dat zij zich niet aan de informatieplicht hield, waardoor de bewindvoerder zijn werkzaamheden niet adequaat kon uitvoeren. Tevens werd vastgesteld dat appellante geen bewijs had geleverd van sollicitaties na haar vrijstelling vanwege zwangerschap. Het hof vond dat haar gedragingen een ernstig verwijt opleverden en bevestigde de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling.
Het subsidiaire verzoek tot verlenging van de regeling werd afgewezen omdat appellante onvoldoende gebruik had gemaakt van de gelegenheid om alsnog aan haar verplichtingen te voldoen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming van kernverplichtingen door appellante.