Uitspraak
Afdeling strafrecht
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
- de verdachte ter zake van (het medeplegen van) de onder 1. primair en 2. primair ten laste gelegde feiten zal veroordelen tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van 160 uren subsidiair 80 dagen hechtenis;
- de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] zal toewijzen overeenkomstig de beslissing van de eerste rechter, met vermeerdering van de kosten voor rechtsbijstand in hoger beroep ten bedrage van € 632,00.
- de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;
- het gegeven dat het bewezen verklaarde handelen van verdachte in verband staat met het telen van en de handel in hennep, hetgeen allerlei maatschappelijk onwenselijke effecten veroorzaakt;
- de omstandigheid dat -zoals wetenschappelijk is aangetoond- het frequent gebruik van softdrugs de volksgezondheid kan schaden, in het bijzonder waar het geestelijke aandoeningen betreft;
- de omstandigheid dat de verdachte, met veronachtzaming van de belangen van zijn toenmalige partner, uitsluitend heeft gehandeld met het oog op persoonlijk financieel gewin, hetgeen het hof hem zwaar aanrekent.
- de inhoud van het hem betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie d.d. 27 januari 2017, waaruit blijkt dat hij voorafgaand aan het bewezen verklaarde meerdere keren door de Nederlandse en Belgische strafrechter is veroordeeld, onder andere ter zake van -zakelijk weergegeven- het aanwezig hebben van cocaïne;
- de overige persoonlijke omstandigheden van verdachte, voor zover daarvan ter terechtzitting in hoger beroep is gebleken, in het bijzonder de omstandigheid dat hij niet over een bekende woon of verblijfplaats in Nederland beschikt.