ECLI:NL:GHSHE:2017:2499
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde onroerende zaak ondanks geschil over waardebepaling en schade
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning per 1 januari 2014, stellende dat de waarde te hoog was vastgesteld. De Rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch.
Tijdens de procedure werd vastgesteld dat belanghebbende in eerste aanleg akkoord was gegaan met de inhoudsmaat van de aanbouw, waardoor dit punt in hoger beroep niet opnieuw aan de orde kon komen. Het Hof beoordeelde de door de Heffingsambtenaar gebruikte referentieobjecten als passend en voldoende vergelijkbaar, en vond dat de waardebepaling rekening hield met verschillen zoals ligging, staat van onderhoud en schade door heiwerkzaamheden.
De taxateur had de woning meerdere malen geïnspecteerd en de herstelkosten van schade waren adequaat meegenomen in de waardering. De stelling van belanghebbende over hogere schadebedragen werd niet onderbouwd. Het Hof concludeerde dat de Heffingsambtenaar de waarde aannemelijk had gemaakt en bevestigde de uitspraak van de Rechtbank. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, en er werd geen vergoeding van griffierecht of proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.