Uitspraak
Afdeling strafrecht
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
24 juni 2016 in de strafzaak met parketnummer 03-700121-16 tegen:
[verdachte] ,
- de verdachte voor de onder 1., 2., 3. en 4. ten laste gelegde feiten zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 34 maanden met aftrek overeenkomstig artikel 27 van Pro het Wetboek van Strafrecht, waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren en met bijzondere voorwaarden zoals opgelegd door de rechtbank;
- de in beslag genomen agenda’s verbeurd zal verklaren.
hij (meermalen) in of omstreeks de periode van 10 december 2011 tot en met 25 februari 2016, in de gemeente Landgraaf, in elk geval in Nederland (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk heeft verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad,(telkens) een hoeveelheid hasjiesj en/of hennep en/of psilocybine en/of psilocine, zijnde hasjiesj en/of hennep en/of psilocybine en/of psilocine, (telkens) een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II;
hij op of omstreeks 26 februari 2016, in de gemeente Heerlen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 8,7 gram psilocybine en/of psilocine, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende psilocybine en/of psilocine, en/of 87 gram hennep, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram bevattende hennep en/of 148 gram hasjiesj, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram bevattende hasjiesj, zijnde psilocybine en/of psilocine en/of hennep en/of hasjiesj een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II;
hij (meermalen) in of omstreeks de periode van 26 november 2015 tot en met 25 februari 2016, in de gemeente Landgraaf, in elk geval in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en/of 4-hydroxyboterzuur (GHB) en/of 3,4-methyleendioxymethamfetamine (MDMA) en/of amfetamine en/of 4-methylmethcathinon (mefedron) en/of lysergide (LSD) en/of N,N-dimethyltryptamine (DMT) en/of 4-broom-2,5-dimethoxyfenethylamine (2C-B) zijnde cocaïne en/of 4-hydroxyboterzuur (GHB) en/of 3,4-methyleendioxymethamfetamine (MDMA) en/of amfetamine en/of 4-methylmethcathinon (mefedron) en/of lysergide (LSD) en/of N,N-dimethyltryptamine (DMT) en/of 4-broom-2,5-dimethoxyfenethylamine (2C-B) (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij op of omstreeks 26 februari 2016, in de gemeente Heerlen, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad
hij meermalen in de periode van 10 december 2011 tot en met 25 februari 2016 in Nederland tezamen en in vereniging met een ander opzettelijk heeft verkocht en afgeleverd en verstrekt en vervoerd een hoeveelheid hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II;
hij op 26 februari 2016 in de gemeente Heerlen opzettelijk aanwezig heeft gehad een hoeveelheid van een materiaal bevattende psilocybine en/of psilocine en 87 gram hennep en 148 gram hasjiesj, zijnde psilocybine en psilocine en hennep en hasjiesj een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II;
hij meermalen in de periode van 26 november 2015 tot en met 25 februari 2016 in Nederland tezamen en in vereniging met een ander opzettelijk heeft verkocht en afgeleverd en verstrekt en vervoerd een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en/of
3,4-methyleendioxymethamfetamine (MDMA) en/of amfetamine en/of 4-broom-2,5-dimethoxyfenethylamine (2C-B), zijnde cocaïne en 3,4-methyleendioxymethamfetamine (MDMA) en amfetamine en 4-broom-2,5-dimethoxyfenethylamine (2C-B) telkens een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;
hij op 26 februari 2016 in de gemeente Heerlen opzettelijk aanwezig heeft gehad
4-methylmethcathinon en lysergide en 4-broom-2,5-dimethoxyfenethylamine en
N,N-dimethyltryptamine telkens een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I.
- de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;
- de omstandigheid dat het onder 1. bewezen verklaarde het medeplegen van handel in softdrugs inhoudt en het onder 2. bewezen verklaarde in relatie staat met de handel in softdrugs, welke handel allerlei maatschappelijk onwenselijke effecten veroorzaakt zoals het ontduiken van belastingen en de diefstal van stroom, terwijl wetenschappelijk is aangetoond dat het frequent gebruik van softdrugs de volksgezondheid kan schaden, met name waar het geestelijke aandoeningen betreft;
- de omstandigheid dat harddrugs als cocaïne, amfetamine, 2C-B en MDMA, eenmaal in handen van gebruikers, grote gevaren voor de gezondheid van die gebruikers opleveren, terwijl die gebruikers hun verslaving vaak door diefstal of ander crimineel handelen trachten te bekostigen, waardoor aan de samenleving ernstige schade wordt berokkend;
- de grote hoeveelheid verdovende middelen die verdachte opzettelijk aanwezig heeft gehad en die een aanzienlijke handelswaarde vertegenwoordigt;
- de inhoud van het hem betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie d.d.
- de inhoud van het hem betreffend reclasseringsadvies d.d. 26 mei 2016 van
BESLISSING
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.
gevangenisstrafvoor de duur van
32 (tweeëndertig) maanden.
10 (tien) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
3 (drie) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 3 (drie) jaren of ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen, dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd.
Stelt als bijzondere voorwaarden dat verdachte:
- drie agenda's, goednr. 750875;
- vier geldbedragen, zijnde in totaal € 1.480.