ECLI:NL:GHSHE:2017:3104
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming kernverplichtingen
Appellanten zijn in 2014 toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling. De rechtbank heeft bij vonnis geoordeeld dat zij toerekenbaar tekortgeschoten zijn in de nakoming van hun verplichtingen, waaronder het niet volledig verstrekken van loonspecificaties en het ontstaan van nieuwe schulden. Hierdoor is geen schone lei verleend en is de regeling beëindigd.
Appellanten zijn tegen dit vonnis in hoger beroep gekomen en stelden dat zij hun informatieplicht wel zijn nagekomen en de boedelachterstand spoedig zullen inlopen. De bewindvoerder betwistte dit en stelde dat de informatievoorziening moeizaam verliep, er sprake was van een aanzienlijke boedelachterstand en nieuwe schulden, waaronder een schuld aan VGZ die niet tijdig aan de bewindvoerder is gemeld.
Het hof oordeelt dat appellanten de informatieplicht ondanks waarschuwingen en verhoren bij de rechter-commissaris niet naar behoren hebben nagekomen. Tevens hebben zij nieuwe, bovenmatige schulden laten ontstaan en de boedelachterstand niet adequaat ingelopen. Het hof acht de tekortkomingen toerekenbaar en ziet geen aanleiding om de regeling te verlengen. Het vonnis van de rechtbank wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot verlenging van de schuldsaneringsregeling af wegens toerekenbare tekortkomingen.