Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[appellant] ,wonende te [woonplaats] ,
[appellante] ,wonende te [woonplaats] ,
1.[Bank] U.A.,na fusie rechtsopvolgster onder algemene titel van [Bank] [U.A.] U.A.,kantoorhoudende te [kantoorplaats] ,
[Hypotheekbank] N.V.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/02/288709/HA ZA 14-740)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties en eiswijziging;
- de memorie van antwoord tevens houdende antwoordakte wijziging eis met producties;
- de akte naamswijziging van [geïntimeerde] van 9 februari 2016;
- het schriftelijk pleidooi, waartoe partijen op 5 april 2016 pleitnotities hebben overgelegd.
3.De beoordeling
verklaarden, ter uitvoering van voormelde overeenkomst aan de bank hypotheek te verlenen tot het hierna te noemen bedrag op het hierna te noemen onderpand, tot zekerheid voor de betaling van al hetgeen de bank blijkens haar administratie van hen, comparanten onder A genoemd, zowel van hen tezamen als van ieder van hen afzonderlijk, voor zover in deze akte niet anders aangeduid, hierna te noemen: debiteur, te vorderen heeft of mocht hebben, uit hoofde van verstrekte en/of alsnog te verstrekken geldleningen, verleende en/of alsnog te verlenen kredieten in rekening-courant, tegenwoordige en/of toekomstige borgstellingen, dan wel uit welke anderen hoofde ook.
a) dat de hypotheekgever door de bank is gewezen op – en bekend is met de risico’s verbonden aan onderhavige hypotheekverlening;
), handelend als gemeld, verklaarde, ter uitvoering van voormelde overeenkomst, aan de bank hypotheek te verlenen tot het hierna te noemen bedrag op het hierna te noemen onderpand, tot zekerheid voor de betaling van al hetgeen de bank blijkens haar administratie van de volmachtgevers onder A.a en A.b genoemd, zowel van hen tezamen als van ieder van hen afzonderlijk, voor zover in deze akte niet anders aangeduid, hierna te noemen: debiteur, te vorderen heeft of mocht hebben, uit hoofde van verstrekte en/of alsnog te verstrekken geldleningen, verleende en/of alsnog te verlenen kredieten in rekening-courant, tegenwoordige en/of toekomstige borgstellingen, dan wel uit welke anderen hoofde ook.
a) dat de hypotheekgever door de bank is gewezen op – en bekend is met de risico’s, verbonden aan de onderhavige hypotheekverlening;
11 juni 2014 geen rechtsgevolg toekomt;
primairdat [appellanten] hebben gedwaald bij de totstandkoming van de herfinanciering in 2004 en de gevolgen van die overeenkomst en van de daarop voortbouwende financieringsovereenkomst uit 2010 en van de overeenkomst van 15 februari 2013 ex artikel 6:230 lid 2 BW Pro te wijzigen,
subsidiairdat [appellanten] hebben gedwaald bij de totstandkoming van de financieringsovereenkomst in 2010 en de gevolgen van die overeenkomst en van de daarop voortbouwende overeenkomst van 15 februari 2013 ex artikel 6:230 lid 2 BW Pro te wijzigen;
primairdat [appellanten] hebben gedwaald bij de totstandkoming van de herfinanciering in 2004 en de gevolgen van die overeenkomst en van de daarop voortbouwende financieringsovereenkomst uit 2010 en van de overeenkomst van 15 februari 2013 ex artikel 6:230 lid 2 BW Pro te wijzigen,
subsidiairdat [appellanten] hebben gedwaald bij de totstandkoming van de financieringsovereenkomst in 2010 en de gevolgen van die overeenkomst en van de daarop voortbouwende overeenkomst van 15 februari 2013 ex artikel 6:230 lid 2 BW Pro te wijzigen;
primairmet vernietiging van de akte van verpanding en met veroordeling van [geïntimeerde] om aan [appellanten] te betalen, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, al hetgeen [geïntimeerde] uit hoofde van deze akte van verpanding heeft ontvangen, vermeerderd met de wettelijke rente over deze betalingen vanaf de dag van ontvangst tot aan de dag der algehele voldoening,
subsidiairmet bepaling dat de akte van verpanding uitsluitend ziet op de huurpenningen exclusief BTW en servicekosten, met veroordeling van [geïntimeerde] om aan [appellanten] te betalen de bedragen ter zake BTW en servicekosten die [geïntimeerde] uit hoofde van deze akte van verpanding heeft ontvangen, vermeerderd met de wettelijke rente over deze betalingen vanaf de dag van ontvangst tot aan de dag der algehele voldoening;
Door middel van deze grieven betogen [appellanten] in dit hoger beroep dat zij hebben gedwaald bij de totstandkoming van de overeenkomst tot herfinanciering in 2004 (zie hiervoor onder 3.1.b) en de overeenkomst van 2010 met nummer [nummer 4] (zie hiervoor onder 3.1.a) en de pandakte in 2013 (zie hiervoor 3.1.j); en dat eerstgenoemde overeenkomst niet is opgezegd nu die niet wordt genoemd in de opzeggingsbrief, althans dat de opzegging van de financieringsrelatie naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Verder zijn [appellanten] van mening dat [geïntimeerde] heeft gehandeld in strijd met de op haar rustende zorgplicht in 2000 ten opzichte van [appellante] bij het aangaan van de overeenkomst met nummer [nummer 1] ter (her)financiering van de privéwoning als ook nadien ten opzichte van hen beide bij het aangaan van de herstructurering van de financiering in 2004, bij de extra financiering en de borgtocht in 2010, en bij de verpanding in 2013.
tot zekerheid voor de betaling van al hetgeen de bank blijkens haar administratie van (…) debiteur, te vorderen heeft of mocht hebben, uit hoofde van verstrekte en/of alsnog te verstrekken geldleningen, verleende en/of alsnog te verlenen kredieten in rekening-courant, tegenwoordige en/of toekomstige borgstellingen, dan wel uit welke anderen hoofde ook.”
allebestaande en toekomstige vorderingen van [appellanten] op derden aan [geïntimeerde] worden verpand. Beperkingen in de zin dat alleen huurvorderingen van [appellanten] op derden aan [geïntimeerde] worden verpand of dat deze huurvorderingen slechts gedeeltelijk worden verpand (namelijk alleen voor zover betrekking hebbende op de kale huur en niet voor zover betrekking hebbende op de BTW en servicekosten) vallen in de pandakte niet te lezen. Bij het voorgaande komt nog dat [appellanten] onder meer uit hoofde van de (voormalige) bedrijfsfinancieringen bekend waren met kredieten, borgtochten, verpandingen etc.
Het in eerste aanleg gevoerde en door de grieven nog bestreken debat over toepasselijkheid van algemene voorwaardenen het al dan niet voor 2004 aan de in dat jaar geherstructureerde financiering verbonden zijn van gelieerde vennootschappen, zal het hof onbesproken laten, nu [appellanten] aan de door hen gewenste uitkomst daarvan geen rechtsgevolgen (vorderingen) hebben verbonden.