Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de brief met bijlagen van de GI d.d. 4 juli 2017;
- de ter zitting door de GI overgelegde pleitnotitie.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De zaak betreft het hoger beroep van de moeder tegen de beschikking van de rechtbank die de machtiging tot uithuisplaatsing van haar minderjarige dochter verlengde tot 5 oktober 2017. De moeder betwist dat zij en de vader momenteel niet in staat zijn de verzorging en opvoeding op zich te nemen en wijst op hun samenwoning in een chalet en hun inspanningen om een stabiele woonomgeving te creëren.
Het hof stelt vast dat de minderjarige sinds juli 2016 uit huis is geplaatst en dat de gecertificeerde instelling (GI) de verlenging van de machtiging heeft verzocht. De GI voert aan dat de ouders ondanks intensieve begeleiding niet in staat zijn gebleken een stabiele opvoedingssituatie te realiseren. De moeder heeft zich niet aan afspraken gehouden en is begeleidingsontvankelijk, terwijl de vader onvoldoende stabiliteit toont.
Het hof overweegt dat het enkele feit van samenwonen in een chalet op een camping onvoldoende is om de machtiging te beëindigen, mede gezien het ontbreken van duidelijkheid over de legaliteit van de bewoning en de voortdurende problematiek bij de ouders. De bestreden beschikking wordt daarom bekrachtigd, omdat verlenging noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarige.
Uitkomst: De verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige wordt bekrachtigd tot uiterlijk 5 oktober 2017.