Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
curator in het faillissement van [Beheer] Beheer B.V.,wonende te [woonplaats] ,
curator in het faillissement van [Beheer] Beheer B.V.,wonende te [woonplaats] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/02/262911/HAZA 13-288)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- het herstelexploot;
- het exploot van anticipatie van curatoren;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord, tevens memorie van grieven in incidenteel hoger beroep tevens akte vermindering van eis met producties;
- de memorie van antwoord in incidenteel hoger beroep
- het pleidooi, waarbij partijen pleitnotities hebben overgelegd en ter gelegenheid waarvan [appellant] bij akte producties in het geding heeft gebracht.
3.De beoordeling
om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis hun functies als bestuurder of anderszins in de vennootschappen FEL en Ecogarant neer te leggen;
om binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis de heer [bestuurder van FEL] als bestuurder van FEL te (doen) ontslaan;
om binnen 7 dagen na betekening van dit vonnis schriftelijk mededeling te doen van de uitvoering van de onder (i) gelaste geboden en om binnen 21 dagen na betekening van dit vonnis schriftelijk mededeling te doen van de uitvoering van de onder (ii) gelaste geboden aan de in [land 1] daartoe geëigende instanties, zoals het Commercial Register, de “company lawyer” [company lawyer] en daarvan binnen 48 uur na die schriftelijke mededeling schriftelijke mededeling te doen aan de curator;
mee te werken aan de benoeming van c.q. te benoemen een door de curator aan te wijzen persoon tot bestuurder van Ecogarant, zulks binnen 48 uur nadat de curator de naam van die persoon aan [bestuurder 1] en [appellant] schriftelijk heeft medegedeeld en mee te werken aan de benoeming van c.q. te benoemen een door de curator aan te wijzen persoon tot bestuurder van FEL, zulks binnen 21 dagen nadat de curator de naam van de persoon aan [bestuurder 1] en [appellant] schriftelijk heeft medegedeeld,
:
ook bij toepassing van art. 2:248 lid Pro 5” moet worden begroot op het bedrag van de schulden voor zover die niet door vereffening van de overige baten kunnen worden voldaan. De begroting van dat tekort wordt niet beïnvloed door de mate waarin de curator erin slaagt de door de aansprakelijke bestuurder gemaakte aanmerkingen op het boedelbeheer te weerleggen. De wijze waarop een faillissement is afgewikkeld, kan ingevolge artikel 2:248 lid 4 BW Pro wel bijdragen tot het oordeel van de rechter dat hem het bedrag waarvoor de bestuurders aansprakelijk zijn, hem bovenmatig voorkomt.
omdat er na de brief van mr. Cremers van 27 juni 2012 geen stuitingshandeling meer zou zijn verricht”, waarmee [appellant] duidelijk aangeeft dat de brief van 27 juni 2012 dus wél als een stuitingshandeling moet worden gezien, wordt door [appellant] afgedaan met een beroep op voor[t]schrijdend inzicht.
nietplaats vond ten behoeve van de verbeurde dwangsommen. Het exploot van 16 november 2012 was derhalve – mede gezien de gehele voorgeschiedenis, die aan [appellant] bekend was (althans, voor wat betreft de brief van 27 juni 2012, waarvan curatoren erop mochten vertrouwen dat deze aan [appellant] bekend was) - voldoende duidelijk om te gelden als een mededeling in de zin van artikel 3:317 BW Pro. Voor zover [appellant] in grief 4 iets anders verdedigt, faalt de grief.
gebiedt [bestuurder 1] en [appellant] (..) mee te werken aan de benoeming van c.q. te benoemen een door de curator aan te wijzen persoon tot bestuurder van Ecogarant, zulks binnen 48 uur nadat de curator de naam van die persoon aan [bestuurder 1] en [appellant] schriftelijk heeft medegedeeld en mee te werken aan de benoeming van c.q. te benoemen een door de curator aan te wijzen persoon tot bestuurder van FEL, zulks binnen 21 dagen nadat de curator de naam van de persoon aan [bestuurder 1] en [appellant] schriftelijk heeft medegedeeld”overwoog de rechtbank dat [appellant] onvoldoende feiten en omstandigheden heeft gesteld waaruit blijkt dat hij, zoals hij aanvoerde, geen instructies van de curator had ontvangen met betrekking tot de benoeming van de bestuurders.
gebiedt [bestuurder 1] , [appellant] , [bestuurder van FEL] en [de vennootschap] om binnen 7 dagen na betekening van dit vonnis mee te werken aan de door de curator gewenste levering van de onbezwaarde eigendom van de door de curator van [bestuurder 2] c.q. de door hem gecontroleerde vennootschap gekochte aandelen in Ecogarant”overwoog de rechtbank dat [appellant] onvoldoende feiten en omstandigheden heeft gesteld waaruit blijkt dat hij niet wist op welke wijze hij aan de veroordeling moest voldoen.
omdat de zekerheden (..) door toedoen van curator Luchtman niet volledig kunnen worden uitgevoerd en bovendien Luchtman volledig onterecht en plotseling aanspraak maakt op de privé aandelen [bestuurder 1] en [appellant] in Ecogarant”, aldus artikel 1 van Pro de overeenkomst van 27 februari 2010 die mede door [appellant] is ondertekend, (prod. 40 dagv.), waarmee duidelijk is wát de werkelijke reden van de opzegging van de leningsovereenkomst is. Artikel 3 van Pro de overeenkomst van 27 februari 2010 bepaalt vervolgens dat [appellant] al zijn aandelen (indirect in Ecogarant) aan [Investments 2] en [Investments 1] zal aanbieden. Met dit laatste is het frustreren van de nakoming van de geboden reeds gegeven.
4.De beslissing
D.A.E.M. Hulskes en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 8 augustus 2017.