Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geïntimeerde sub 1] ,2. [geïntimeerde sub 2] ,beiden wonende te [woonplaats] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-\rolnummer 4553680 \ CV EXPL 15-10506)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep met twee producties;
- de memorie van grieven met dertien producties (nr. 19 tot en met nr. 31);
- de memorie van antwoord in principaal hoger beroep, tevens memorie van grieven in incidenteel hoger beroep;
- de memorie van antwoord in incidenteel hoger beroep.
3.De beoordeling
- [woningstichting] heeft met ingang van 1 februari 2001 de woning aan het adres [adres] te [plaats] verhuurd aan [geïntimeerde sub 1] en [geïntimeerde sub 2] .
- In de huurovereenkomst staat onder meer het volgende:
- [geïntimeerde sub 1] en [geïntimeerde sub 2] hebben in de loop van de huurperiode sierpleister aangebracht of laten aanbrengen in de woonkamer en in de slaapkamers van de woning.
- [geïntimeerde sub 1] en [geïntimeerde sub 2] hebben (naar het hof begrijpt: in of omstreeks de eerste helft van maart 2015) de huurovereenkomst opgezegd per 14 mei 2015.
- In verband met de opzegging van de huur heeft op 24 maart 2015 in aanwezigheid van [geïntimeerde sub 1] een voorinspectie van de woning plaatsgevonden. Op het daarvan opgestelde formulier is onder meer vermeld dat sierpleister verwijderd moet worden uit ‘w.k., slk. RA, slk. MA en slk. LA’ (naar het hof begrijpt: woonkamer, slaapkamer rechtsachter, slaapkamer middenachter en slaapkamer linksachter). Op het formulier staat voorts onder meer het volgende:
- het verf-, wit- en behangwerk in lichte verfkleuren en in behoorlijke staat wordt opgeleverd, (…)
- (…)
- plafond- en wandbekleding, welke niet tot de woning behoort, is verwijderd en de plafonds en wanden zijn hersteld
- (…)
- een hoofdsom van € 3.588,--, vermeerderd met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 15 mei 2015;
- € 483,80 ter zake buitengerechtelijke kosten, vermeerderd met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf de dag van de inleidende dagvaarding;
- ‘dat de huurders met de opvolgende huurder zijn overeengekomen, althans overleg hebben gevoerd over het verwijderen van het sierpleister’;
- ‘alle genoemde punten zijn de door de huurder overgenomen.’
- A. € 777,70 ter zake eigen uren van [woningstichting] ;
- B. € 339,20 ter zake de firma [firma 1] ;
- C. € 1.590,-- ter zake de firma [firma 2] ;
- D. € 592,54 ter zake de firma [firma 3] ;
- E. € 646,46 ter zake de firma [firma 4] .
- grief 3 is gericht tegen de afwijzing van schadepost A;
- grief 4 is gericht tegen de afwijzing van schadepost B;
- de grieven 5, 6 en 12 zijn gericht tegen de afwijzing van schadepost C;
- de grieven 7 en 8 zijn gericht tegen de afwijzing van schadepost D;
- de grieven 9 en 13 zijn gericht tegen de afwijzing van schadepost E.
- 45 zakken goudband 25 kg € 383,06
- 2 emmers bètacontact 20 kg € 120,96
- 1 voegspons € 5,79
- 10 hoekbeschermers € 13,64
- 6 stuc-stopprofiel € 16,61
- een schriftelijke verklaring van de firma [firma 4] van 19 april 2016, waarin staat, samengevat, dat zij de genoemde materialen begin juni 2015 heeft geleverd aan [woningstichting] , bestemd voor de woning [adres] ;
- een schriftelijke verklaring van [mutatieopzichter] , mutatieopzichter van [woningstichting] , van 19 december 2016, waarin deze onder meer heeft vermeld, kort gezegd, dat in de woning begin juni 2015 betocontact is gebruikt om voor te strijken en [goudband] goudband voor het stucadoren van de wanden en dat de materialen zijn geleverd door [firma 4] ;
- een schriftelijke verklaring van [medewerker van woningstichting] , medewerker van [woningstichting] , van 19 september 2016, waarin staat, kort gezegd, dat de materialen die begin juni 2015 bij de stucadoorswerkzaamheden in de woning [adres] te [plaats] zijn gebruikt, geleverd zijn door de firma [firma 4] (dat in deze brief alleen wordt gesproken over de slaapkamer rechts achter houdt verband met het feit dat [medewerker van woningstichting] zelf alleen in die slaapkamer werkzaamheden heeft verricht);
- de schriftelijke verklaring van de heer [firma 1] van 16 december 2016, kort gezegd inhoudende dat hij heeft meegewerkt aan het stucadoorswerk in de woning, dat de zakken [goudband] al klaar lagen en dat deze geleverd waren door de firma [firma 4] ;
- de schriftelijke verklaring van mevr. [firma 2] van de firma [firma 2] van 15 december 2016, onder meer inhoudende dat bij benadering 15 zakken goudband, 2 emmers betokontakt en 35 m1 hoeken zijn gebruikt, en dat de firma [firma 4] de opdracht van [woningstichting] heeft gekregen om deze materialen te leveren.
- 27 mei 2015 voorbereiding stuc 8 uur
- 08 juni 2015 primeren slaapkamer 8 uur
- 10 juni 2015 primeren gehele woning/plaatsen van hoekprofielen 8 uur
- 11 juni 2015 stucwerk voorkamer 8 uur
- 12 juni 2015 stucwerk slaapkamer 5,5 uur
- twee opdrachtbonnen, waarop in totaal 22 uren aan stucwerk zijn vermeld met betrekking tot de woning;
- een uitdraai uit de interne urenadministratie van de heer [medewerker van woningstichting] , waarin dezelfde 22 uren aan stucwerk zijn vermeld;
- een overzicht van de binnen [woningstichting] geldende ‘registratietarieven’, waarin is vermeld dat het uurtarief van [medewerker van woningstichting] € 35,35 bedraagt;
- een e-mail van de mutatieopzichter van [woningstichting] van 19 december 2016, waarin onder meer staat dat de door [medewerker van woningstichting] uitgevoerde werkzaamheden met name de slaapkamer rechtsachter betroffen;
- een schriftelijke verklaring van [medewerker van woningstichting] van 19 september 2016, waarin hij verklaart dat hij namens [woningstichting] in de woning aan het adres [adres] te [plaats] op 5, 8, 10 een 11 juni 2015 stucadoorswerkzaamheden heeft verricht in de slaapkamer rechtsachter.