ECLI:NL:GHSHE:2018:1502

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
5 april 2018
Publicatiedatum
6 april 2018
Zaaknummer
000244-18
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 26 Wet Wapens en Munitie
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Opheffing voorlopige hechtenis wegens ontbreken ernstige bezwaren

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het bevel tot gevangenhouding van verdachte, die werd verdacht van medeplegen van poging tot moord, poging tot doodslag, bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht en overtreding van de Wet Wapens en Munitie.

Namens verdachte werd aangevoerd dat er geen ernstige bezwaren waren die de voorlopige hechtenis rechtvaardigden, dan wel dat deze te gering waren om de hechtenis te dragen. Daarnaast werd subsidiair verzocht om schorsing van de voorlopige hechtenis.

Na kennisname van het dossier, het horen van verdachte, zijn raadsman en de advocaat-generaal, concludeerde het hof dat er geen voldoende ernstige bezwaren meer waren jegens verdachte. Het hof verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de eerdere beschikking en beval de onmiddellijke invrijheidstelling van verdachte.

Uitkomst: Het hof heft de voorlopige hechtenis op en beveelt onmiddellijke invrijheidstelling van verdachte.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling strafrecht
Bijzondere zaak, nummer: [nummer]
Parketnummer 1e aanleg: [parketnummer]
Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft gezien de akte van de griffier van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van [datum] , waarbij namens:

[verdachte]

geboren [geboortedatum] te [geboorteplaats]
[adres]
thans verblijvende in [detentieadres]
hoger beroep is ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van [datum] , bij welke beschikking de gevangenhouding van [verdachte] werd bevolen.
Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep.
Het hof heeft kennis genomen van de akte rechtsmiddel waarbij namens verdachte tijdig beroep is aangetekend tegen het bevel gevangenhouding voor de duur van 30 dagen.
Het hof heeft gehoord de verdachte en zijn raadsman, alsmede de advocaat-generaal.
Het hof heeft kennis genomen van het dossier.
Verdachte wordt primair verweten medeplegen van poging tot moord, subsidiair medeplegen poging tot doodslag, meer subsidiair medeplegen van bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht, en overtreding van artikel 26 van Pro de Wet Wapens en Munitie. Namens verdachte is betoogd dat er geen ernstige bezwaren zijn, althans dat deze te gering zijn om de voorlopige hechtenis te kunnen dragen. Voorts is subsidiair verzocht om schorsing van de voorlopige hechtenis. De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot afwijzing van het beroep en tot afwijzing van het verzoek tot schorsing.
Het hof is op grond van de inhoud van het dossier tot de conclusie gekomen dat er thans geen sprake meer is van voldoende ernstige bezwaren jegens verdachte ten aanzien van de hem verweten feiten.
Het hof zal daarom het beroep gegrond verklaren, de voorlopige hechtenis opheffen en bevelen dat verdachte onmiddellijk in vrijheid wordt gesteld.

BESCHIKKENDE IN HOGER BEROEP:

Wijst toe het hoger beroep.
Vernietigt de beschikking waarvan beroep.
Heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van verdachte.
Beveelt de onmiddellijke invrijheidstelling van verdachte.
Aldus gedaan op 5 april 2018
door mr. R.R. Everaars-Katerberg, voorzitter, mr. O.A.J.M. Lavrijssen en
mr. G.P.M.F. Mols, raadsheren, in tegenwoordigheid van mw. B. Yazi, griffier.
De advocaat-generaal bij dit Gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van verdachte.
's-Hertogenbosch, [datum]
Gezien d.d.
De directeur van [detentieadres]