ECLI:NL:GHSHE:2018:1581
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling en verlenging met 12 maanden
De zaak betreft het hoger beroep van [appellante] tegen een vonnis van de rechtbank Zeeland-West-Brabant waarin haar schuldsaneringsregeling tussentijds werd beëindigd wegens het niet nakomen van verplichtingen en het frustreren van de regeling. De rechtbank stelde vast dat [appellante] onvoldoende en onbetrouwbare inkomensinformatie aan de bewindvoerder had verstrekt, mede veroorzaakt door wanprestaties van haar werkgever.
In hoger beroep betoogde [appellante] dat zij altijd haar verplichtingen is nagekomen voor zover mogelijk en dat de tekortkomingen het gevolg waren van het wanpresterende gedrag van haar werkgever. Zij had juridische stappen ondernomen en een nieuwe arbeidsbetrekking gevonden. De bewindvoerder bevestigde dat vanaf november 2017 de informatievoorziening verbeterde, maar benadrukte dat de eerdere periode onvoldoende was gedocumenteerd.
Het hof oordeelde dat hoewel [appellante] niet volledig aan haar informatieplicht had voldaan, dit mede te wijten was aan haar werkgever. Desondanks was zij verwijtbaar te lang in gebreke gebleven en had zij de situatie in stand gehouden door opnieuw een arbeidsrelatie aan te gaan met dezelfde werkgever. Gezien de omstandigheden gaf het hof haar een laatste kans door de regeling te verlengen met 12 maanden, waarbij zij nadrukkelijk werd gewezen op haar verplichting tot tijdige en volledige informatieverstrekking.
Uitkomst: De tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling is vernietigd en de regeling verlengd met 12 maanden.