ECLI:NL:GHSHE:2018:1975

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
22 maart 2018
Publicatiedatum
4 mei 2018
Zaaknummer
20-000940-16
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 67a lid 3 Wetboek van Strafvordering
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot opheffing en schorsing van voorlopige hechtenis bij ISD-maatregel

Namens verdachte is verzocht tot opheffing dan wel schorsing van de voorlopige hechtenis. Het hof heeft dit verzoek beoordeeld in het kader van een eerder opgelegde ISD-maatregel, die gericht is op het doorbreken van het gedragspatroon van stelselmatige daders.

Het hof overweegt dat de behandeling die onderdeel is van de ISD-maatregel nog niet is aangevangen en dat het voorarrest niet wordt afgetrokken van de tenuitvoerlegging van deze maatregel. Hierdoor is niet voldaan aan de voorwaarden van artikel 67a lid 3 Wetboek van Strafvordering, noch aan een analoge situatie daarvan.

Daarnaast acht het hof het niet mogelijk om zodanige voorwaarden te stellen bij een eventuele schorsing dat de kans op herhaling tot een maatschappelijk aanvaardbaar niveau kan worden teruggebracht. Daarom wijst het hof zowel het verzoek tot opheffing als tot schorsing van de voorlopige hechtenis af.

Uitkomst: Het verzoek tot opheffing en schorsing van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling strafrecht
Hofnummer: 20-000940-16
Parketnummer 1e aanleg: 01-846018-15
Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft gezien het verzoekschrift d.d. [datum] ingediend namens:
naam
[verdachte]
voornamen
[verdachte]
geboren
[geboortedatum] te [geboorteplaats]
wonende te
[adres]
adres
[adres]
thans verblijvende in
thans gedetineerd te Huis van Bewaring Grave (Unit A + B) te Grave
strekkende tot opheffing c.q. schorsing van de voorlopige hechtenis;
Het hof heeft gehoord in raadkamer van dit hof de advocaat-generaal en verdachte, bijgestaan door zijn raadsman.
Het hof heeft kennisgenomen van het dossier waarbij namens verdachte is verzocht tot opheffing c.q. schorsing van de voorlopige hechtenis. In de kern wordt namens verdachte betoogd dat de voorlopige hechtenis meer dan 2 jaar beloopt en dat zich thans de situatie van artikel 67a lid 3 van het Wetboek van Strafvordering voordoet. Het hof overweegt als volgt. Aan verdachte is bij arrest van dit gerechtshof van 24 maart 2017 de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders opgelegd, tegen welk arrest namens verdachte beroep in cassatie is ingesteld. De ISD-maatregel is bedoeld om, mede met behulp van de daarop gerichte behandeling, het gedrags- en levenspatroon van de stelselmatige dader te doorbreken en recidive tegen te gaan. Aangezien de behandeling (nog) niet is aangevangen en het voorarrest niet wordt afgetrokken van de tenuitvoerlegging van de maatregel, is het hof van oordeel dat de situatie als bedoeld in artikel 67a lid 3 van het Wetboek van Strafvordering, noch in situatie analoog aan artikel 67a lid 3 Wetboek van Strafvordering zich voordoet.
Met betrekking tot de schorsing is het hof van oordeel dat het thans niet mogelijk is, zodanige voorwaarden op te leggen dat daarmee de kans op herhaling tot op een voor de samenleving aanvaardbaar niveau kan worden teruggebracht.
Het hof wijst het verzoek tot opheffing c.q. schorsing af.

BESCHIKKENDE

Wijst af het ingediende verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis;
Wijst af het ingediende verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis;
Aldus gedaan op 22 maart 2018 door mr. E.N. van der Spoel, voorzitter, mr. R.A.T.M. Dekkers en mr. G.P.M.F. Mols, raadsheren, in tegenwoordigheid van mr. I.H.M. Fluitsma, griffier.
Fiat betekening en tenuitvoerlegging:
's-Hertogenbosch,
De advocaat-generaal,
Gezien d.d.
De directeur van