Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.de Gemeenschappelijke Regeling Cure,gevestigd te Eindhoven,
Cure REnescience B.V., voorheen genaamd Cure Dong Energy REnescience B.V,gevestigd te 's-Gravenhage,
Ørsted Bioenergie & Thermal Power A/S, voorheen genaamd Dong Energy Thermal Power A/S,gevestigd te Fredericia (Denemarken),
hierna aan te duiden als Ørsted,
advocaat: mr. D. Broerse te Amsterdam
5.Het verloop van de procedure
- het pleidooi in onderhavige zaak en in de zaak met rolnummer 200.226.412/01, waarbij partijen met uitzondering van Ørsted, pleitnotities hebben overgelegd;
- de bij H-formulier van 20 juni 2018 toegezonden akte overlegging producties 15 tot en met 20, die Attero bij pleidooi in het geding heeft gebracht;
- de bij brief van 27 juni 2018 toegezonden akte overlegging productie 13, die Cure bij pleidooi (met toestemming) in het geding heeft gebracht;
- de bij brief van 3 juli 2018 toegezonden akte overlegging productie 14, die Cure bij pleidooi (met toestemming) in het geding heeft gebracht.
6.De beoordeling
0% restafval in 2020, met goede service naar burgers, tegen zo laag mogelijke kosten.”.
Het laten verwerken van afval volgens de REnescience-methodiek, mede voor de opwekking van gas.
Beschrijving van de opdracht
Licentieovereenkomst ten behoeve van de REnescience techniek.
De gemeenschappelijke regeling Cure (“Cure”) is een gemeenschappelijke regeling waarin de drie gemeenten Eindhoven, Geldrop-Mierlo en Valkenswaard zijn verenigd. Cure is verantwoordelijk voor de afvalverwerking in deze gemeenten. Cure heeft als uitgangspunt het faciliteren van hergebruik van alle ingenomen afvalstromen (recycling), in plaats van het reduceren van restafval. Cure streeft daarbij naar 100% hergebruik.
deel 3 (http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032203&deel=3&z=2018-07-01&g=2018-07-01)van de Aw bepaalde niet van toepassing als voldaan is aan vier cumulatieve voorwaarden, te weten:
(i) het gaat om een speciale-sectoropdracht;
(iv) waarvan de oprichtingsakte bepaalt dat de speciale-sectorbedrijven waaruit zij bestaat, ten minste drie jaar deel zullen uitmaken van de gemeenschappelijke onderneming.
“het exploiteren van een afvalverwerkingscentrale (…)”;
;
een afvalenergiecentrale (…)en dus niet alleen om een nascheidingsinstallatie of recyclingsinstallatie”.
De statuten van de vennootschap bevatten een artikel 3 lid 2 waarin Pro is bepaald dat de activiteiten voortvloeiend uit het doel van de vennootschap voor een minimumperiode van drie (3) jaren na drieëntwintig mei tweeduizend zeventien worden uitgeoefend, en een artikel 12.B, waarin is opgenomen dat aandelen niet mogen worden overgedragen tot en met drieëntwintig mei tweeduizend twintig. Daarnaast bevatten de statuten in artikel 4 lid 3 de Pro kwaliteitseis dat iedere aandeelhouder (hoe ook aangekomen) partij moet zijn bij de JVA. De JVA maakt dan ook bovendien onlosmakelijk deel uit van de statuten (en visa versa), zo stellen Cure c.s. Artikel 13.1 (b)(iii)(B) van de JVA bepaalt dat geen van partijen zijn aandelen mag overdragen binnen vijf jaar (of zoveel langer als zij overeenkomen) na de aanvang van de activiteiten in de fabriek. Aldus wordt voldaan aan de driejaarseis. Daarbij, zo stellen Cure c.s., wordt de WTA voor 20 jaar aangegaan, waaruit eveneens blijkt dat partijen de intentie hebben langdurig (langer dan drie jaar) samen te werken. Cure c.s. bestrijden het standpunt van Attero dat een richtlijnconforme uitleg zou inhouden dat de oprichtingsakte van de Joint Venture zou moeten verzekeren dat Cure c.s. voor de volledige termijn van de WTA deel zouden moeten uitmaken van de Joint Venture.