Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5.Het verloop van de procedure
- de memorie van grieven met producties 1 t/m 3;
- de memorie van antwoord;
- de akte van [appellante] met productie 4;
- de antwoordakte van [geïntimeerde] .
6.De beoordeling
Op 14 juni j.l. hebben elkaar gesproken met betrekking tot de diefstal van uw auto (..). Zoals gevraagd, zou u mij p.o. het politie rapport toesturen en bewijs van de verzekering waaruit blijkt dat gelden zou hebben ontvangen om onze financiering mee af te betalen. Blijkbaar is dit niet mogelijk voor u om deze stukken op te sturen, echter deze termijn is inmiddels verstreken.
[de vennootschap 2] en/of [geïntimeerde] hadden die uitkering slechts onder zich kunnen houden indien [de vennootschap 2] jegens [appellante] aan haar contractuele verplichtingen was blijven voldoen.(inl dagv. nr. 9)”. Anders dan [appellante] in hoger beroep aanvoert, valt deze stelling niet op te vatten als slechts een “theoretisch model.”