In deze civiele procedure vorderen [beheer] Beheer B.V. en Semax B.V. een voorschot op schadevergoeding van Van Lanschot Bankiers, stellende dat de bank niet heeft gewaarschuwd voor overschrijding van risicoparameters in hun obligatieportefeuilles. Het hof heeft een deskundigenonderzoek laten verrichten door prof. dr. Loonen en heeft partijen gelegenheid gegeven om te reageren op het deskundigenbericht.
De eisers stelden dat op basis van het deskundigenrapport redelijkerwijs mocht worden aangenomen dat Van Lanschot aansprakelijk is voor de schade tot een peildatum in 2008. Zij vorderden een voorschot van ruim € 2,2 miljoen, bestaande uit schade en samengestelde handelsrente.
Het hof oordeelde dat de voorlopige voorziening samenhangt met de hoofdvordering, maar dat de eisers onvoldoende hebben onderbouwd dat zij recht hebben op het gevorderde voorschot. De schadeberekening hield onvoldoende rekening met het defensieve risicoprofiel en onttrekkingen aan de portefeuille. Ook was de gevorderde samengestelde handelsrente niet toewijsbaar.
Daarom werd de voorlopige voorziening afgewezen. De zaak werd verwezen naar de rol voor verdere memoriewisseling, waarbij partijen nog gelegenheid krijgen om te reageren. De kosten van het incident werden aan de zijde van Van Lanschot begroot op € 894.