In deze civiele zaak tussen ID Com en Office Depot Europe (ODE) draait het geschil om de verschuldigdheid van een preferred supplier sign-on bonus van € 300.000. ID Com stelde dat de bonus alleen verschuldigd was indien zij een bruto marge van minimaal € 3,5 miljoen zou behalen in de periode 1 juli 2010 tot 31 december 2011, terwijl ODE betwistte dat een dergelijke voorwaarde bestond en stelde dat de voorwaarde een minimale omzet van € 3,5 miljoen betrof.
Het hof heeft ID Com opgedragen bewijs te leveren van de overeengekomen voorwaarde. Hoewel ID Com heeft aangetoond dat er een voorwaarde is overeengekomen, heeft zij niet bewezen dat deze betrekking had op bruto marge. Uit mailcorrespondentie en getuigenverklaringen blijkt dat partijen de term "revenue" gebruikten in de betekenis van omzet, niet marge. Het hof oordeelt dat de opschortende voorwaarde een omzet van € 3,5 miljoen betreft, zoals ook de rechtbank eerder had vastgesteld.
Verder verwierp het hof het beroep van ID Com op dwaling, omdat ID Com als internationaal opererende partij geacht wordt de Engelse term "revenue" te begrijpen en zich te laten bijstaan indien nodig. Ook het beroep op niet-informatie over volumekortingen aan gewone leveranciers faalde. Het hof vernietigde de beslissing van de rechtbank over de contractuele rente en wees de wettelijke handelsrente toe vanaf 9 november 2011. Ten slotte veroordeelde het hof ID Com tot betaling van € 202.775,00 aan ODE, inclusief buitengerechtelijke kosten, en in de proceskosten van het hoger beroep.