ECLI:NL:GHSHE:2019:1724
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging hoofdverblijf bij moeder en vaststelling kinderalimentatie na scheiding
Partijen zijn ouders van een minderjarig kind en hebben gezamenlijk gezag. De vader verzocht om wijziging van het hoofdverblijf van het kind naar hem toe, stellende dat het kind feitelijk meer bij hem verblijft en dat de thuissituatie bij de moeder onveilig zou zijn. De moeder hield vast aan het hoofdverblijf bij haar, mede vanwege financiële consequenties en de huidige zorgverdeling.
Het hof oordeelde dat het kind merendeels bij de moeder verblijft, dat de thuissituatie veilig en verantwoord is en dat beide ouders voldoende pedagogische vaardigheden hebben. Het verzoek tot wijziging van het hoofdverblijf werd afgewezen vanwege het belang van het kind en de onrust die een wijziging zou veroorzaken, mede door de gebrekkige communicatie tussen ouders.
Ten aanzien van de kinderalimentatie bereikten partijen overeenstemming over een bijdrage van de vader aan de moeder, met een terugwerkende kracht en een betalingsregeling voor de achterstand. Het hof vernietigde de eerdere beschikking over de alimentatie en stelde de nieuwe regeling vast. Het voorwaardelijk incidenteel appel van de moeder werd niet behandeld omdat het hoofdverblijf niet werd gewijzigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het hoofdverblijf bij de moeder en stelt een gewijzigde kinderalimentatieregeling vast met een aflossingsregeling voor achterstanden.