Uitspraak
8.Het verdere verloop van het geding
- het tussenarrest van 19 februari 2019;
- de akte van de bewindvoerder van 19 maart 2019 met een productie;
- de antwoordakte van ‘Thuis van 16 april 2019 met producties.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele procedure stond de vraag centraal of de huurovereenkomst van een woonwagenstandplaats ontbonden kon worden vanwege het aantreffen van een hennepknipperij in een bouwkeet op die standplaats. De bouwkeet maakte geen onderdeel uit van het gehuurde, maar stond wel op de standplaats en viel daardoor onder de huurrechtelijke aansprakelijkheid van de huurder. Het hof oordeelde dat de hennepgerelateerde activiteiten een tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst vormden, wat ontbinding rechtvaardigt.
De bewindvoerder van de huurder voerde aan dat de bouwkeet er bij aanvang van de huurovereenkomst niet stond en dat de huurder vanwege verstandelijke beperkingen niet op de hoogte was van de activiteiten. Deze verweren werden verworpen omdat de bouwkeet al sinds 2013 aanwezig was en de huurder daarvan op de hoogte moest zijn. Ook was het niet aannemelijk dat de huurder niet had kunnen waarnemen wat er in de bouwkeet plaatsvond.
De vordering tot oplegging van een boete wegens drugsgerelateerde activiteiten werd afgewezen omdat het opleggen van een boete naast de ontbinding en ontruiming een te zware maatregel zou zijn gezien de persoonlijke omstandigheden van de huurder, waaronder zijn bewindvoering en psychische gesteldheid. Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde partijen in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ontbinding van de huurovereenkomst en wijst ontruiming toe, maar wijst de boete af vanwege de persoonlijke omstandigheden van de huurder.