ECLI:NL:GHSHE:2019:2195
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging wijziging ingangsdatum kinderalimentatie na echtscheiding
Partijen zijn gescheiden en hebben gezamenlijk vier minderjarige kinderen. De rechtbank had de kinderalimentatie vastgesteld op een bedrag van €55,50 per kind per maand, met ingang van 1 maart 2016. Later werd deze alimentatie verhoogd tot €85,50 per kind per maand met ingang van 21 maart 2017. De man kwam hiertegen in hoger beroep en stelde dat de wijziging niet met terugwerkende kracht mocht ingaan, maar pas vanaf de datum van de beschikking.
Het hof overwoog dat de man in hoger beroep wel degelijk de ingangsdatum mocht aanvechten, ondanks eerdere verwijzing naar het oordeel van de rechtbank. De Nederlandse rechter heeft rechtsmacht in deze internationale zaak. Het hof benadrukte dat de ingangsdatum van alimentatiewijzigingen volgens artikel 1:402 BW Pro vrij kan worden vastgesteld, waarbij drie data relevant zijn: het intreden van gewijzigde omstandigheden, de datum van het verzoekschrift, en de datum van de rechterlijke beslissing.
Gezien het feit dat de man op de hoogte was van het verzoek tot wijziging vanaf 21 maart 2017 en dat hij geen financiële gegevens had overgelegd die een andere ingangsdatum zouden rechtvaardigen, oordeelde het hof dat de ingangsdatum van de wijziging terecht op 21 maart 2017 is gesteld. Het beroep van de man werd daarom afgewezen en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd. De proceskosten in hoger beroep werden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de wijziging van de kinderalimentatie met ingang van 21 maart 2017 en wijst het beroep van de man af.