ECLI:NL:GHSHE:2019:2200
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezag moeder en bevestiging voogdij pleeggezin voor minderjarige
De zaak betreft het hoger beroep van de moeder tegen de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant die het gezag van de moeder en vader over de minderjarige beëindigde en de Gecertificeerde Instelling (GI) tot voogd benoemde.
De minderjarige is sinds 2016 op basis van een machtiging uit huis geplaatst en verblijft in het pleeggezin van tante en oma. De moeder erkent dat de minderjarige niet bij haar wil wonen en wenst contactherstel, maar ervaart belemmeringen in het contact. De raad en GI benadrukken het belang van continuïteit en perspectief in het pleeggezin.
Het hof overweegt dat de minderjarige een onveilige en instabiele opvoedingssituatie bij de moeder heeft meegemaakt en dat het gezag van de moeder binnen een aanvaardbare termijn niet kan worden hersteld. De minderjarige geeft zelf aan geen contact met de moeder te willen. Daarom wordt het gezag van de moeder beëindigd en de voogdij aan de GI toegewezen, met behoud van het recht van de moeder op informatie en mogelijk contact.
De beschikking van de rechtbank wordt bekrachtigd en het beroep van de moeder wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het gezag van de moeder en benoemt de GI tot voogd over de minderjarige.