In de zaak tegen verdachte, die in eerste aanleg was veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf wegens medeplegen van verkrachting en vrijheidsberoving, heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het vonnis vernietigd en verdachte vrijgesproken. De zaak betreft een incident in een hotelkamer waarbij het slachtoffer paniek kreeg en naakt vluchtte, maar de verklaringen van zowel het slachtoffer als de verdachten waren onvolledig en deels onwaarachtig.
Het hof stelde vast dat seksuele handelingen tussen het slachtoffer en de verdachten wel hadden plaatsgevonden, maar niet overtuigend kon worden vastgesteld dat deze tegen de wil van het slachtoffer waren of dat de verdachten dit wisten. Ook was niet bewezen dat het slachtoffer door fysiek overwicht of bedreigingen werd verhinderd de hotelkamer te verlaten, die bovendien niet afgesloten was.
Het hof oordeelde dat het letsel van het slachtoffer niet overeenkwam met de ernst van de door haar beschreven geweldshandelingen en dat de verklaringen van alle betrokkenen niet volledig betrouwbaar waren. Gezien het ontbreken van overtuigend bewijs werd verdachte vrijgesproken van beide ten laste gelegde feiten.
De vordering tot schadevergoeding van het slachtoffer werd afgewezen wegens de vrijspraak, en de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke straf werd eveneens afgewezen. Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven.