Uitspraak
Parketnummer: 20-001017-18
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
- de vordering van de benadeelde partij toegewezen tot een bedrag van € 10.366,84, met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht;
- de bewaring ten behoeve van de rechthebbende(n) gelast van een aantal in beslag genomen, teruggegeven voorwerpen;
- de vordering tot tenuitvoerlegging onder bovenvermeld parketnummer afgewezen.
- het onder 1. en 2. ten laste gelegde bewezen zal verklaren;
- de verdachte zal veroordelen tot jeugddetentie voor de duur van twaalf maanden, waarvan vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met aftrek van de duur van het voorarrest;
- aan het voorwaardelijk op te leggen strafdeel, naast de algemene voorwaarde, een aantal bijzondere voorwaarden zal verbinden en zal bevelen dat die voorwaarden dadelijk uitvoerbaar zijn;
- ten aanzien van de in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen telkens zal gelasten dat deze worden bewaard ten behoeve van de rechthebbende;
- het openbaar ministerie niet-ontvankelijk zal verklaren in de vordering tot tenuitvoerlegging;
- de vordering van benadeelde partij [slachtoffer] zal toewijzen tot het bedrag van
- de benadeelde partij ten aanzien van het meer gevorderde niet-ontvankelijk zal verklaren in de vordering.
- primair bepleit dat het hof de verdachte zal vrijspreken van beide ten laste gelegde feiten;
- subsidiair -voor het geval het hof toch tot enige bewezenverklaring zou komen- dat zal worden volstaan met oplegging van een jeugddetentie waarvan de duur niet langer is dan de tijd die de verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht, eventueel in combinatie met een voorwaardelijke deel;
- zich met betrekking tot de beslissing ten aanzien van de in beslag genomen voorwerpen gerefereerd aan het oordeel van het hof;
- bepleit dat de vordering tot tenuitvoerlegging zal worden afgewezen subsidiair dat het openbaar ministerie daarin niet-ontvankelijk zal worden verklaard;
- bepleit dat de benadeelde partij in haar vordering niet-ontvankelijk zal worden verklaard, subsidiair de vordering inhoudelijk betwist;
- bepleit dat, indien het hof de schadevergoedingsmaatregel zal opleggen, hieraan geen vervangende jeugddetentie zal worden verbonden.