ECLI:NL:GHSHE:2019:2799

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
18 juli 2019
Publicatiedatum
23 juli 2019
Zaaknummer
AVNR 000748-19
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen bevel gevangenhouding wegens grootschalige invoer cocaïne

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het bevel tot gevangenhouding van verdachte, die wordt verdacht van betrokkenheid bij de invoer van ongeveer 460 kilo cocaïne. Het hof oordeelde dat het dossier voldoende ernstige bezwaren bevat en dat de feiten betrekking hebben op strafbare feiten met een wettelijke straf van twaalf jaar of meer, waardoor sprake is van een ernstig geschokte rechtsorde.

Het hof benadrukte dat de invoer van zulke grote hoeveelheden harddrugs niet alleen de directe strafbare feiten betreft, maar ook samenhangt met andere ernstige misdrijven zoals witwassen, geweldsdelicten en liquidaties, die de samenleving ernstig kunnen ontwrichten. Hierdoor kan sprake zijn van een langdurige geschokte rechtsorde, wat het belang van voorlopige hechtenis onderstreept.

Daarnaast achtte het hof het gevaar voor herhaling aanwezig, mede gezien eerdere veroordelingen van verdachte voor Opiumwet-overtredingen. Ook werd het risico op collusie erkend, wat nader onderzoek vereist zonder belemmering door verdachte. Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis werd afgewezen omdat geen bijzondere omstandigheden waren aangevoerd die het belang van de samenleving bij voortzetting van de hechtenis zouden laten wijken.

Het hof wees het hoger beroep af en bevestigde de beschikking van de rechtbank, waarmee de voorlopige hechtenis van verdachte wordt voortgezet.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt het bevel tot gevangenhouding en wijst het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling strafrecht
Raadkamerappelnummer: AVNR. 000748-19
Parketnummer 1e aanleg: [nummer]
Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft gezien de akte van de griffier van de [rechtbank] van [datum] , waarbij namens:

[naam verdachte]

geboren [datum] te [plaats]
wonende te [adres]
thans verblijvende in [detentieplaats]
hoger beroep is ingesteld tegen de beschikking van de [rechtbank] van [datum] , bij welke beschikking de gevangenhouding van [naam verdachte] werd bevolen.
Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep.
Het hof heeft kennis genomen van de akte rechtsmiddel waarbij namens verdachte tijdig beroep is aangetekend tegen het bevel gevangenhouding voor de duur van 90 dagen.
Het hof heeft gehoord de advocaat-generaal en verdachte, bijgestaan door zijn raadsman mr. G.N. Weski.
Het hof heeft kennis genomen van het dossier.
Uit het dossier blijkt dat verdachte wordt verweten, kort gezegd, betrokkenheid bij de invoer van ongeveer 460 kilo cocaïne. Naar het oordeel van het hof bevat het dossier voldoende ernstige bezwaren jegens verdachte ter zake hetgeen hem wordt verweten. Het hof verwijst daartoe naar het bevel gevangenhouding waarin de ernstige bezwaren zijn opgesomd. Het hof heeft zich ervan vergewist dat de bezwaren ook thans nog onverkort van kracht zijn.
Hetgeen verdachte wordt verweten betreft strafbare feiten waar naar de wettelijke omschrijving twaalf jaar of meer gevangenisstraf op staat en waardoor de rechtsorde ernstig is geschokt. Het zou immers voor de samenleving niet te begrijpen zijn, en het zou ook door die samenleving niet geaccepteerd worden, wanneer degene jegens wie ernstige bezwaren bestaan dat hij zich aan deze feiten schuldig heeft gemaakt, niet onverwijld in voorlopige hechtenis zou worden genomen en voorlopig gehouden. Wanneer dat niet zou gebeuren zou dat tot maatschappelijke onrust kunnen leiden. Bij de invoer van harddrugs met een omvang als in de onderhavige zaak, kan er sprake zijn van een langdurige geschokte rechtsorde. Het gaat immers niet alleen om de daadwerkelijke invoer van zeer grote hoeveelheden cocaïne, met de invoer van cocaïne op grote schaal hangen ook andere strafbare feiten samen zoals witwassen op grote schaal, geweldsdelicten bestaande uit bedreigingen met geweld maar ook daadwerkelijk liquidaties. Dat zijn verschijnselen die de samenleving ernstig kunnen ontwrichten. Gelet daarop is het hof van oordeel dat er gedurende lange tijd sprake kan zijn van een geschokte rechtsorde.
Het hof stemt ook in met het gevaar voor herhaling. Verdachte is eerder met politie en justitie in aanraking gekomen, ook voor overtreding van de Opiumwet, en is daar ook voor veroordeeld. De verwijten die verdachte thans worden gemaakt betreffen grootschalige invoer van harddrugs. Dat kan naar het oordeel van het hof niet anders dan in georganiseerd verband zijn gebeurd. Verdachte heeft zich kennelijk vooral laten leiden door de verleiding om in korte tijd veel geld te verdienen en heeft zich niet bekommerd om de mogelijke gevolgen voor de volksgezondheid bij gebruik van deze drugs. Dat alles doet vrezen voor herhaling.
Door het openbaar ministerie is voorts betoogd dat er sprake is van collusiegevaar. Naar het oordeel van het hof moet er nog onderzoek plaatsvinden en dat onderzoek kan maar mag door de verdachte niet gehinderd worden. Het hof stemt derhalve in met de onderzoeksgrond.
Het hof wijst af het beroep.
Namens verdachte is verzocht de voorlopige hechtenis te schorsen.
Het hof zal daar niet toe overgaan. Hetgeen verdachte wordt verweten, kort gezegde grootschalige invoer van cocaïne, betreft een strafbaar feit waar naar de wettelijke omschrijving twaalf jaar of meer gevangenisstraf op staat en waardoor de rechtsorde ernstig is geschokt. In een dergelijk geval is er in beginsel slechts ruimte voor schorsing van de voorlopige hechtenis, wanneer er sprake is van bijzondere zwaarwichtige, de persoon van de verdachte betreffende omstandigheden op grond waarvan het belang dat de samenleving heeft bij voortzetting van de voorlopige hechtenis dient te wijken voor het persoonlijk belang dat de verdachte heeft bij het in vrijheid afwachten van zijn berechting. Dergelijke omstandigheden zijn niet aangevoerd, noch is het hof anderszins van het bestaan ervan gebleken.
Het hof wijst af het verzoek.

BESCHIKKENDE IN HOGER BEROEP:

Wijst af het hoger beroep.
Bevestigt de beschikking waarvan beroep.
Wijst af het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.
Aldus gedaan op 18 juli 2019
door mr. R.A.T.M. Dekkers, voorzitter, mr. F.J.M. Walstock en mr. G.P.M.F. Mols, raadsheren, in tegenwoordigheid van mr. R.M. Gloudemans, griffier.
mr. G.P.M.F. Mols is buiten staat de beschikking te ondertekenen.
De advocaat-generaal bij dit Gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van verdachte.
's-Hertogenbosch, 18 juli 2019
Gezien d.d.
De directeur van de [detentieplaats]